Log in

Weinig centen en veel vluchtelingen, dubbel pech voor Crombez en Almaci

Wim Vermeersch
12 september 2015

Het moeten best frustrerende tijden zijn voor oppositieleiders John Crombez en Meyrem Almaci. Gerenommeerde economen mogen uitentreuren herhalen dat enkel een investeringsbeleid ons vooruit helpt, in onzekere tijden zegt de buik van de Vlaming: voorzichtig, geen avonturen.
Het solidariteitspessimisme viert hoogtij en dan is het moeilijk gedijen voor linkse partijen. Mensen zijn vatbaar voor de idee dat men het systeem moet beschermen tegen misbruik om er zelf van te kunnen genieten. De knip op de beurs dus.

Dit heeft Bart De Wever goed begrepen. N-VA zet sterk in op het feit dat sommigen meer uit de sociale zekerheid halen dan dat ze erin steken. Dat is handig. Onderzoek toont aan dat de bereidheid tot solidariteit het grootst is wanneer het gaat om mensen die buiten hun schuld behoeftig worden en dat die het kleinst is wanneer het gaat om mensen die in culturele zin het verst van ons af staan.

In die zin betekent de huidige vluchtelingencrisis voor Crombez en Almaci dubbel pech: net nu onze sociale zekerheid zo onder druk staat, komt deze ongeziene asielcrisis ertussen gefietst. Hele groepen nieuwelingen moeten worden opgevangen door ons systeem van sociale zekerheid. Dat maakt vooral lagere middengroepen bang. Ze vrezen - terecht - met die nieuwelingen te moeten wedijveren, vooral op de arbeidsmarkt en op de (sociale) woningenmarkt. De grote kracht van Bart De Wever is dat hij verhalen vertelt die appelleren aan hun buikgevoel.

Het politieke gevecht van vandaag draait dan ook rond die lagere middengroepen. Als de oppositie dat gevecht wil winnen, zijn linkse verhalenvertellers nodig.

Het boek The Storytelling Animal. How Stories Make Us Human (2014) van de Amerikaan Jonathan Gottschall leert ons dat, ook in de politiek, het verhalen zijn - met helden en schurken, met personages en twisten - die mensen in beweging brengen. Met droge analyses lukt dat niet, met abstracte begrippen als ‘solidariteit’ nog minder en met het schofferen van de politieke tegenstander al helemaal niet. Zie de uithaal van Yvan Mayeur naar het ‘xenofoob’ beleid van N-VA.

Politiek is simpel: de partij die het best verhaallijnen weet te construeren op basis van zijn idealen wint - meestal. Groen en sp.a kunnen, wat dat betreft, wel wat leren van hun politieke tegenstanders.

Vooral over de betaalbaarheid van onze sociale zekerheid en van de opvang van vluchtelingen zetten Open VLD en N-VA sterke beelden neer die appelleren aan onderbuikgevoelens: elke dag horen we wel een variant op het argument over ‘de hangmat van de sociale zekerheid’ (een krenkende metafoor) of ‘de achterdeur die dicht moet’ (bemerk de hint van ongewenste bezoeker). Vuile beelden, but they do the job.

Idem met het ballonnetje dat Gwendolyn Rutten opliet om minder snel kindergeld te geven aan vluchtelingen. De VRT bracht snel duidelijkheid: in 2013 bedroegen de kinderbijslagen voor vluchtelingen slechts 0,1% (6 miljoen euro) van het totale kinderbijslagbudget (6 miljard euro). Financieel geen enkel probleem dus. Maar de beeldvorming was een feit.

De oppositie moet dringend haar eigen frame tegenover dit discours plaatsen. Dat is niet eenvoudig. Zowel sp.a als Groen hameren op onvoorwaardelijke medemenselijkheid met deze stroom Syrische vluchtelingen. Tot daar geen probleem. Gecompliceerder wordt het wanneer het over economische migranten gaat. Ze zullen, ook nadat deze Syrische vluchtelingenstroom opdroogt, blijven komen.

Groen zal daar, gezien haar electoraat, een eerder kosmopolitisch verhaal over vertellen zonder al te veel rekening te houden met de sentimenten van de lagere middenklasse. Sp.a zal dat misschien wat meer doen, gezien ze van oudsher een dubbele achterban heeft: de betere middenklasser en de traditionele arbeider. Vooral die laatste groep - vaak mensen met een bescheiden baan of een sociale woning - moet nu al vechten om te overleven. Ze zien economische migranten niet graag komen.

Het is dus dansen op een slappe koord voor sp.a. Kamerlid Monica De Coninck pleitte er vorige week voor dat asielzoekers al na drie maanden aan de slag kunnen in plaats van de zes maanden die ze nu moeten wachten. Een waardevolle maatregel, gezien de bewezen positieve effecten van werkervaring tijdens de asielprocedure, maar voor een deel van de sp.a-achterban allerminst evident. Je voelt zo de spreidstand van de partij.

Meer algemeen is dé grote uitdaging voor de oppositiepartijen dat ze verhaallijnen weven die getuigen van solidariteitsoptimisme en die afzetten tegen het solidariteitspessimisme van de meerderheidspartijen. Enkel als ze erin slagen de mensen te overtuigen dat het mogelijk is zowel het eigen pensioen veilig te stellen als extra middelen uit te trekken om een grote groep in nood op te vangen én te integreren, kunnen ze verkiezingen winnen.

Het is aan de onderkant van de samenleving dat het politieke gevecht van de volgende jaren zal plaatsvinden.