Log in

Een socialist moet een pacifist zijn

PRO - CONTRA

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 3 (maart), pagina 19 tot 22

In zijn werk L’armée nouvelle (1910) pleitte de Franse socialist Jean Jaurès voor een volksleger dat louter op verdediging is ingesteld: ‘Elke oorlog is misdadig als ze niet manifest defensief is.’ Jean Jaurès was socialist én pacifist. Zijn verzet tegen de ‘Groote oorlog’, die hij wilde tegenhouden, bekocht hij met zijn leven. De geest van Jean Jaurès is vandaag helaas ver weg. Het veiligheidsbeleid van de EU en de NAVO in het Midden-Oosten en Noord-Afrika is geen veiligheidsbeleid, maar een oorlogsbeleid. Ook de Belgische defensie bevindt zich al jaren in een spreidstand.

De afgelopen decennia toonde de sociaaldemocratie zich onmachtig of zelfs gewillig voor het pad van de Europese militarisering. Het Verdrag van Lissabon (2009) was een gemiste kans om terug te keren naar een politiek van ontwapening. In de plaats daarvan verbonden de lidstaten zich ertoe om ‘hun militaire vermogens geleidelijk te verbeteren’ (art 42 lid 3). Daarnaast werd ook de buitenlandse militaire interventie in het Verdrag opgenomen, eufemistisch ‘vredestichting’ genoemd (art 43 lid 1), net als een Europees Defensieagentschap om ‘de industriële en technologische basis van de defensiesector te versterken’.

De Europese NAVO-lidstaten deden er in de zomer van 2014 nog een schep bovenop. Op de zomertop in Newport (2014) engageerden ze zich ertoe om binnen de tien jaar te streven naar een defensiebudget dat 2% van het bbp moet bedragen. De ontslagnemende (!) regering-Di Rupo tekende mee, hoewel dit voor ons land in de huidige situatie een verdubbeling van het defensiebudget zou betekenen, omgerekend ongeveer 2,5 miljard euro extra. Dat onze regering zo’n absurd budgettair streefdoel wilde onderschrijven, is al erg genoeg. Maar bovendien nam ze zich niet de moeite om daarover enig ernstig parlementair debat te houden, laat staan een parlementaire goedkeuring te vragen.

BUDGETTAIRE BEZWAREN

De Belgische defensie bevindt zich al jaren in een spreidstand. Zo schrijft de huidige regering in het regeerakkoord, in een verwijzing naar de NAVO, dat defensie terug de middelen moet krijgen die het nodig heeft. Budgettaire restricties nopen haar evenwel tot een ‘tijdelijke’ daling van het defensiebudget. Maar eind vorig jaar kwam ze met een ‘kerstakkoord’ op de proppen waarin nieuwe militaire investeringen werden aangekondigd ter waarde van 9,2 miljard euro. Concreet betekent dit dat vanaf 2019 (tot 2030) elk jaar voor gemiddeld 800 miljoen euro aan investeringen voor nieuw materiaal uitgetrokken moet worden. Dat is geen uitdaging, maar roekeloze megalomanie. De regering dreigt de volgende legislaturen op te zadelen met onbetaalbare facturen die ze vandaag zelf niet kan betalen. Niets wijst er op dat daar in de toekomst verandering in zal komen.

De hamvraag is dus: waar halen we dat geld vandaan? Er zijn redenen om bezorgd te zijn als N-VA-voorzitter Bart De Wever laat verstaan dat er volgens hem alleen nog maar geld te rapen valt in de sociale zekerheid, aangezien we ‘door de terreurdreiging en de vluchtelingencrisis daar net méér zullen uitgeven’, zo zei hij in een interview.

Een interventieleger uitbouwen en onderhouden, is een dure aangelegenheid. Midden januari gaf defensieminister Steven Vandeput de details vrij van zijn militair verlanglijstje: verkenningsdrones, een tankervliegtuig en strategisch transporttoestellen, artillerie en andere logistiek voor de landcomponent, nieuwe fregatten en fregathelikopters, 6 nieuwe mijnbestrijdingsschepen, verrassend, de ‘eventuele’ aankoop van een raketdefensiesysteem (type patriot) en last but not least, de hoofdmoot van de investeringen: de aankoop van 34 gevechtsvliegtuigen.

In de Commissie Defensie (24/02) van de Kamer verschafte kolonel Harry Van Pee, de verantwoordelijk voor het gevechtsvliegtuigendossier, meer duidelijkheid over procedure en kostprijs. Gerekend vanaf 2018, het moment waarop het contract moet worden getekend, zullen de gevechtsvliegtuigen de Belgische belastingbetaler 15 miljard euro kosten over een looptijd van 40 jaar. Dat is gemiddeld 375 miljoen euro per jaar, enkel voor de aankoop en het operationeel houden van de gevechtsvliegtuigen. De kolonel schat zelf dat de gevechtsvliegtuigen gemiddeld 15% uit het defensiebudget zullen happen.

Zonder overdrijven kunnen we stellen dat het hele dossier en de defensieambities om op het internationale militaire toneel met de groten mee te spelen, een regelrechte bedreiging vormen voor de sociale welvaartsstaat. Niet deze regering zal de eerste factuur betalen. Wel zal ze het contract tekenen waarna er nog moeilijk een weg terug is.

DE AARD VAN ONS DEFENSIEAPPARAAT

Voor de vredesbeweging gaat het over veel meer dan enkel budgettaire bezwaren. De keuze voor nieuwe gevechtsvliegtuigen heeft ook grote repercussies voor de aard van ons defensieapparaat.

Ten eerste is het debat over de gevechtsvliegtuigen bepalend voor de toekomst van het kernwapenarsenaal in ons land en de nucleaire taken van het Belgisch leger in NAVO-verband. De Amerikaanse B61-kernbommen in Kleine Brogel, die binnenkort worden gemoderniseerd, moeten immers door onze gevechtsvliegtuigen getransporteerd en gedropt worden. Als ons land beslist om de gevechtsvliegtuigen niet te vervangen of niet kiest voor de F-35A, stoten we meteen ook de nucleaire taken af. Voorlopig is enkel de F-35A in staat om de B61-kernbommen te transporteren. Dat zou tegemoetkomen aan de wensen van driekwart van de bevolking die volgens verschillende enquêtes de kernwapens liever kwijt dan rijk is.

Ten tweede is de keuze over gevechtsvliegtuigen niet los te koppelen van de richting die we willen inslaan met het Belgische leger. Dat brengt ons terug bij Jean Jaurès. Het is duidelijk dat de legerhervormingen van Steven Vandeput gericht zijn op de verhoging van het operationeel vermogen voor buitenlandse missies. Met deze oriëntatie wil de regering zich expliciet inschrijven in het interventiebeleid, in eerste instantie van de NAVO, hoewel de bilan daarvan weinig succesvol is in termen van stabiliteit en collectieve veiligheid.

Sinds de oorlog tegen de terreur in 2001 werd gelanceerd, is het aantal terroristische aanslagen volgens het Amerikaanse ministerie van Defensie met 6.500% gestegen: van 355 in 2001 naar 13.500 in 2014. Het aantal slachtoffers van terreuraanslagen steeg met 4.500% van 3.295 naar 32.727.1 In 2014 vond 74 procent van de terreuraanslagen plaats in Irak, Nigeria, Afghanistan, Pakistan en Syrië. Vier van die vijf landen kregen en/of krijgen te maken met luchtbombardementen door buitenlandse machten. Analisten zijn het er over eens dat de militaire interventie en de daaropvolgende bezetting in Irak de voedingsbodem hebben geleverd voor het terrorisme en het ontstaan van extremistische jihadi-bewegingen als IS.

Met andere woorden: het minste wat je kan zeggen is dat deze militaire operaties niets, maar dan ook niets, hebben bijgedragen aan vrede en stabiliteit. Wel integendeel, ze hebben het geweld in de hand gewerkt, dat als een boemerang terug op ons bord komt in de vorm van terreuraanslagen en een vluchtelingencrisis in Europa.

Zo moeilijk is de logica daarachter niet: hoe meer je in de regio bombardeert en militair optreedt, hoe groter het ongenoegen bij de bevolking en de aantrekkingskracht van groepen die uit zijn op weerwraak. Madrid (2004) en London (2005) waren het slachtoffer van terreuraanslagen omwille van hun verregaande deelname aan de oorlog in Irak. De Islamitische Staat (IS) eiste de verantwoordelijkheid op voor de aanslagen in Parijs met de mededeling dat het om een vergelding ging voor de Franse luchtaanvallen in Syrië en Irak.

Er zou al veel kunnen veranderen, moest het veiligheidsbeleid van de EU en de NAVO coherentie vertonen en veiligheid effectief als doelstelling hebben. Nu is de hypocrisie aan zet. De destabilisering van het Midden-Oosten en Noord-Afrika is net mee het gevolg van ‘ons’ handelsbeleid, militair optreden, de wapenhandel, de petroleumhonger, enzovoort. Europa heeft jarenlang banden onderhouden met dictatoriale regimes in Tunesië (Ben Ali), Egypte (Moebarak), Libië (Khadaffi), Saudi-Arabië, Bahrein,... ze bewapend en gesteund. Vandaag worden de fouten herhaald van het verleden. Saoedi-Arabië voert een bloedige oorlog in Jemen, maar wordt door de VS en de Europa tot de tanden bewapend. Als de zaak verder destabiliseert, zullen we op een dag militair moeten ingrijpen terwijl we zelf de escalatie in de hand hebben gewerkt. Dit is geen veiligheidsbeleid, maar oorlogsbeleid. Een echte socialist hoort daarvoor te passen en de middelen te investeren in zaken die bijdragen aan de menselijke welvaart én dus aan de veiligheid.

Ludo De Brabander
Woordvoerder van Vrede vzw

Noot
1/ http://readersupportednews.org/opinion2/277-75/32339-focus-despite-14-years-of-the-us-war-on-terror-terror-attacks-have-skyrocketed-since-911.

pacifisme - socialisme - gevechtsvliegtuigen - defensie

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 3 (maart), pagina 19 tot 22