Log in

Hoe kijken millennials naar politiek?

Over millennials, de veelbesproken en -beschreven generatie geboren tussen 1981 en 2000, doen veel vooroordelen de ronde: ze zijn de ‘Generation Me’, apathisch, introvert en dergelijke meer. Er wordt veel óver millennials gepraat, maar weinig mét hen. In het project ‘The Millennial Dialogue’ van de Europese denktank FEPS worden voor het eerst op pan-Europees niveau de millennials gevraagd naar hun politieke attitudes.1 In partnerschap met de Stichting Gerrit Kreveld en het Institut Emile Vandervelde werden ook Belgische millennials bevraagd. Hoe kijken onze jongeren naar politiek?2

MIDDENVINGER AAN DE POLITIEK

De millennial-generatie wordt vaak neergezet als de demografische groep die zich het minst interesseert voor politiek en een eerste blik op de cijfers van ‘The Millennial Dialogue: Belgium’ bevestigt dit. In België blijkt slechts 11% van de millennials ‘zeer geïnteresseerd’ in politiek en 32% ‘redelijk geïnteresseerd’ (Grafiek 1). De politieke interesse is erg laag. Zo’n 49% van de millennials heeft het gevoel minder interesse te hebben in politiek dan de generatie van hun ouders of grootouders.

De partijpolitiek, zoals we die vandaag kennen, boeit onze millennials nauwelijks. Maar dit is geen louter Belgisch fenomeen. Het ‘Millenial Dialogue’ project werd in een pak Europese landen uitgevoerd en nergens geraakt het percentage jongeren dat ‘heel geïnteresseerd’ is in politiek boven de 20%. Bovendien is er de specifieke context. Ons politiek systeem is complex en op consensus gericht. Ons land is een tanker die niet snel gekeerd geraakt. We kenden de voorbije jaren ook veel politieke crises; sinds 2008 kregen millennials vijf verschillende regeringen en vier verschillende premiers voor de kiezen. Allemaal niet echt bevorderend om geïnteresseerd te blijven in politiek.

De percentages inzake politieke interesse lezen als een middenvinger naar de politiek. Dat is een probleem, want de grootste vijand van de democratie is onverschilligheid. Toch vallen er twee kanttekeningen te maken.

Een. De desinteresse in partijpolitiek vertaalt zich niet in een nietbewustzijn van wat er gebeurt in de politiek. Meer zelfs, onze millennials kennen hun partijen en politici goed. Deze generatie scoort hoog inzake bewustzijn voor alle grote partijen. Op de vraag ‘Welke van de volgende politieke partijen kent u’ scoren alle partijen hoog: N-VA (84%), VB (84%), CD&V (83%), Open Vld (79%), Groen (78%), sp.a (75%). Dit is niet voor niets de best geschoolde generatie ooit. Een echte politieke test werd hiermee natuurlijk ook niet afgenomen.

Twee. De desinteresse in de politiek vertaalt zich ook niet in een onbereidheid om te stemmen. Op de vraag of ‘ze zouden gaan stemmen indien er morgen verkiezingen zouden plaatsvinden’ antwoordt 74% van de Vlaamse millennials positief. Dat is een hoog percentage; zeker als we weten dat bij de verkiezingen van 2014 meer dan 1 miljoen van de ingeschreven kiezers geen stem uitbrachten.3 (Millennials zijn, overigens, erg flexibel wanneer wordt gevraagd wat mensen naar het stemhokje zou kunnen halen: 84% is voorstander van online voting, 68% wil dat er op meer dan één plek zou moeten kunnen worden gestemd en 60% wil een langere stemperiode. Ook opvallend is dat 63% ‘neen’ antwoordt op de vraag of 16- en 17-jarigen de mogelijkheid moeten krijgen om te stemmen - iets waar steeds meer partijen nochtans voorstander van lijken).

Een eerste conclusie is dan ook dat deze generatie, meer dan hun ouders of grootouders, politieke partijen niet meer als de actoren zien die een grote impact hebben op hun leven.Het naoorlogs paradigma zegt hen nog weinig. Waar voor oudere generaties de politiek het apparaat voor verandering was, kiest deze generatie voor andere manieren om een impact te hebben. Via ondernemen bijvoorbeeld. Op de vraag ‘Wat zou je het liefst zijn’ staat op 1: eigenaar of oprichter van een bedrijf (19%). ‘De nieuwe progressiviteit’, zo noemt econoom Jeffrey Sachs het: jongeren gaan voor alternatieve vormen van zakendoen, waar waarden evenveel plaats krijgen als geld. Voor sommigen zijn de millennials dan ook de voorhoede van een nieuwe economie.4 Ontwijk de politiek als je iets wil veranderen, lijkt wel het adagium.

KLOOF MET POLITICI

Politiek is door de jaren heen sterk gemediatiseerd en geprofessionaliseerd geraakt. ‘Politicus zijn’ is een goedbetaald voltijds beroep geworden. Veel politici hebben geen andere ervaring in het professionele leven dan het dienen in een partij. Velen rollen er, al dan niet via hun familienaam, vanzelf in. ‘Politicus’ zijn is verre van een droomjob voor millennials. Op de vraag ‘Wat zou je het liefst zijn?’ antwoordt slechts 3% ‘politicus’.

Meer dan vroeger stellen jongeren carrières, huwelijk, kinderen uit, en waarschijnlijk dus ook politiek engagement, maar de kloof met de politiek is toch erg opvallend. Slechts 5% geeft aan dat ze wel eens een politieke bijeenkomst hebben bijgewoond (ter vergelijking: 9% neemt deel aan religieuze bijeenkomsten/events) en slechts 10% geeft aan dat ze wel eens hebben meegedaan aan een protestactie (ter vergelijk: 32% doet aan teamsport). Millennials zijn de grootste slachtoffers van de crisis van 2008, en het daaropvolgend besparingsbeleid, maar engageren zich niet binnen een partij of komen niet op straat. De traditionele partijpolitiek is voor hen niet meer het vehikel om de samenleving te veranderen. Anderzijds wordt er wel volop geliket, gedeeld en geretweet. Online engagement is snel en efficiënt, maar ook vluchtig en daarom begrensd. Millennials willen zinvol bijdragen, maar niet via de politiek. Op Pukkelpop bijvoorbeeld dansen én debatteren ze; de keynotes tussen de concerten door hadden er deze zomer een enorm succes.5 Opnieuw: ze tonen engagement, maar buiten partijstructuren.

De politiek is een gesloten aangelegenheid. Ze draait niet voor jongeren en politici lijken daar in de perceptie van millennials niets aan te willen doen. Zo’n 56% van hen vindt dat ‘zeer weinig tot geen politici jonge mensen aanmoedigen om betrokken te raken bij de politiek’. Er is sprake van een duidelijke kloof: 66% van de Belgische millennials vindt dat ‘de meeste politici de mening van jonge mensen grotendeels negeren’, 46% vindt dat ‘de meeste politici zich meer bezig houden met oudere mensen dan met jonge mensen’ en 45% vindt dat ‘de meeste politici jonge mensen willen controleren en beperkingen opleggen’.

Millennials voelen zich duidelijk niet vertegenwoordigd door de partijpolitiek. Wanneer we millennials vroegen waarom ze dachten dat hun generatie minder geïnteresseerd was in politiek, gaven ze aan dat ze het gevoel hadden dat politiek ‘weinig te maken heeft met hun dagelijkse leven’ en dat ze het gevoel hadden dat ‘politici te veel loze beloften maken’. Millennials zien politici niet als de personen die bezorgd zijn om hun verwachtingen en dromen. Slechts 29% van de Belgische millennials denkt dat ‘politici de best mogelijke toekomst willen voor jongeren’.

CULTUUR

Het schijnbare gemis aan politieke interesse en betrokkenheid betekent niet dat deze generatie niet verbonden is met de wereld. Deze generatie jaagt niet enkel op Pokémons. Ze houdt erg van cultuur in de brede betekenis van het woord. Wanneer gevraagd naar hun interesses scoren film (88%), muziek (87%), sociale media (79%), bioscoop (78%), beweging (75%), nieuwe technologie (74%) en koken (74%) het hoogst. Onderaan de lijst bengelt politiek (43%).

Millennials zijn, meer dan de generaties voor hen, echte cultuurconsumenten geworden. Alleen: de wereld van de kunsten staat voor hen erg ver van de wereld van de politiek. ‘Kunst veredelt’, de slogan die we lezen boven het theaterpodium van de socialistische cultuurtempel Vooruit, is minder dan ooit van toepassing. Cultuur en politieke cultuur zijn uit elkaar gegroeid. De tijd dat de arbeidersbewegingen mobilisatie konden linken met revolutionaire kunsten, literatuur en muziek, ligt achter ons. De strijdcultuur is verdwenen.

Interesse hebben in politiek wordt ook niet erg belangrijk gevonden, zo blijkt. Op de vraag ‘hoe belangrijk vindt u volgende dingen’ prijken bovenaan: ‘gelukkig zijn’, ‘gezond zijn’, ‘vrij zijn’, ‘vrije tijd hebben’, ‘geld verdienen’ en ‘tijd besteden met vrienden en familie’. Het zijn de meer softere thema’s die gaan over ‘welzijn’ en minder over ‘welvaart’ waar politici vandaag fel de nadruk op leggen. Ook opvallend: het zijn stuk voor stuk persoonlijke thema’s, gericht op de eigen ontplooiing en niet op de ontplooiing van de gemeenschap. Pas op 14 staat ‘bijdragen aan de maatschappij’, op 16 ‘betrokken zijn bij de lokale gemeenschap’ en op 17 ‘interesse tonen in politiek’.

GELUKKIG EN OPTIMISTISCH

Uit alle onderzoeken blijkt dat 30-plussers denken dat hun kinderen en kleinkinderen een lagere levensstandaard zullen hebben dat die waar hun ouders van genoten. Politieke partijen stelden zich de voorbije jaren in op dat welvaartspessimisme. De ongeruste kiezer werd gerustgesteld met een ‘therapeutische’ boodschap: de knip op de beurs om onze sociale zekerheid in stand te houden; minder consumeren om ons klimaat te redden; grenzen toe om onze welvaart te beschermen.

Het zijn erg defensieve verhalen die millennials niet aanspreken. De toon spoort niet met hun optimistische toekomstgevoel. Want millennials zijn geen ‘no future’ generatie van pessimisten. Ze zijn helemaal niet ontgoocheld of depressief. Integendeel, 84% van de Belgische millennials is ‘over het algemeen gelukkig met zijn/haar leven’ en 75% is ‘optimistisch over de toekomst’. Deze cijfers sporen met eerder onderzoek6 en zijn bijzonder te noemen aangezien millennials het zwaarst getroffen zijn door de economische crisis.

Dat zoveel jonge kiezers hun rug keren naar de traditionele partijpolitiek, lijkt dus minder te maken te hebben met kwaadheid over hun eigen leven en meer met de weinig aantrekkelijke TINA-filosofie van het politieke apparaat. Nog weinig partijen geven de hoop dat het morgen beter gaat. Het is alvast opvallend dat Bernie Sanders (74) en Jeremy Corbyn (67), beiden geboren in de jaren 1940, grote steun genieten onder jongeren. Ze zetten zich af van het politieke spel. Ze worden gezien als integer (een erg belangrijke eigenschap voor millennials7), als buitenstaanders van het politieke spel, en zijn daarom aantrekkelijk voor jongeren ondanks de leeftijdskloof.

Jongvolwassenen zien hun eigen toekomst vol vertrouwen tegemoet. Over ‘de staat van het land’ lijken ze minder optimistisch. Millennials zijn pessimistisch over hoe de regering eruit zou zien over 20 tot 30 jaar. Gevraagd naar de factoren die van invloed zijn op de levensstandaard in de toekomst, staan in de top-5: ‘de economische situatie in België’, ‘de economische situatie wereldwijd’, ‘de staat van het milieu’, ‘beslissingen gemaakt door Belgische politici’ en ‘internationale crisissen’. De kwesties die er voor onze millennials toe doen zijn werkgelegenheid voor jongeren, maar ook immigratie en integratie.8 Millennials zien het samenleven somber in: 53% denkt dat de ‘intolerantie tussen mensen met een verschillende achtergrond zal toenemen’ en 69% geeft aan dat ze denken dat ‘bepaalde religieuze groepen het mogelijk moeilijker zullen vinden om te integreren in de Belgische samenleving’.9

Deze generatie wil geen neoliberale nachtwakersstaat. Ze wil zekerheid, voorzien door stevige overheidsdiensten. In een sociale race to the bottom heeft ze geen zin. Gevraagd naar hun prioriteiten voor publieke uitgaven (Grafiek 2) , zijn voor hen de 10 belangrijkste uitgaveposten: werkgelegenheid creëren, gezondheidszorg, onderwijs, armoede, hulpdiensten (gevangenissen, justitie), energie, milieu, voedsel en landbouw, huisvesting, sociale bijstand en uitkeringen, transport. Opnieuw zien millennials hun prioriteiten niet vertaald in de huidige politieke agenda waar de besparingslogica overheerst.

LEVERT DE POLITIEK?

We leven in het tijdperk van de fact check. Alles wordt geverifieerd. Transparantie is de norm. Aangezien politicus steeds meer een ‘job’ is geworden, rekenen millennials hen af op wat ‘geleverd’ wordt. Een stem wordt steeds meer een ruil: in ruil voor mijn stem, voert u uw programma uit. Het is natuurlijk niet eenvoudig om te meten in hoeverre partijen en politici ‘leveren’, zeker in een grijze consensusmachine als België en in een politieke setting waar Europa het raamwerk levert, maar hoe groter de kloof, hoe meer ruimte voor verbolgenheid.

In Grafiek 3 wordt opgelijst waar politici aan zouden moeten werken en in hoeverre ze daaraan voldoen. Ook hier zien we een grote kloof. Dat millennials vinden dat politici niet voldoen inzake het ‘zorgen voor een zo goed mogelijke toekomst voor jongeren’ zagen we hierboven al. Maar ook inzake onderwijs, gezondheidszorg, welzijn voor ouderen, gelijke kansen en technologie is er een grote discrepantie tussen de verwachtingen en de perceptie. Ook opvallend is dat politici voor jongeren onvoldoende resultaten voorleggen inzake ‘op de eerste plaats voor de Belgen zorgen’.

POLITIEKE VOORKEUR

Daar waar oudere volwassen meer stemmen via de logica van de partijdemocratie, doen jongere volwassenen dat meer via de logica van de toeschouwersdemocratie. Millennials zijn politiek steeds meer ongebonden. Politici moeten hun stem ‘verdienen’. Elke verkiezing is telkens een open strijd. Maar waar liggen de politieke voorkeuren van de millennials in Vlaanderen nu eigenlijk?

In het buitenland zien we dat jongeren vaak aansluiting vinden bij protestpartijen op de politieke flanken. Dat is in Vlaanderen niet het geval. Uit Grafiek 4 blijkt dat VB (11%) en PVDA (6%) niet uitzonderlijk hoog scoren. De meest populaire partijen blijken de ‘nieuwe’ partijen Groen (17%) en N-VA (15%). De ‘zuilenpartijen’ Open Vld (11%), CD&V (8%) en sp.a (8%) doen het minder goed. Het politieke landschap is versnipperd, met 7 partijen tussen de 17 en 6%. Een hoog percentage spreekt zich niet uit (11% ‘ander/niet bereid te zeggen’ en 12% ‘geen idee’).

We zagen hierboven dat millennials de traditionele partijpolitiek hebben opgegeven; het hoeft dus niet te verwonderen dat ook de traditionele partijen van hun pluimen verliezen. De grote coalities, die in de 20ste eeuw over de decennia heen aan onze welvaartsstaat hebben gebouwd, slaan niet meer aan bij jongeren. Gaan we in de toekomst naar een partijlandschap met N-VA als grootste partij op rechts en Groen als grootste partij op links en drie kleine grand old parties in het centrum?

CONCLUSIE

De millennial-generatie wordt volwassen. Binnen een paar jaar is het de grootste werkende populatie van ons land. Ze zullen dominant worden op onze arbeidsmarkt en onze sociale zekerheid financieren. Deze generatie is diverser en heterogener dan elke generatie voor haar. We leren haar dan ook maar beter kennen; bijvoorbeeld hoe ze over politiek denkt.

Wat blijkt? Millennials zijn geen sociaal en politiek apathische generatie zoals ze vaak worden voorgesteld; net zoals niet alle babyboomers diepgewortelde idealen hadden en tot de protestgeneratie behoorden. Wel steekt deze generatie duidelijk haar middenvinger op naar de partijpolitiek: slechts 11% van onze millennials is ‘zeer geïnteresseerd‘ in politiek, 5% neemt deel aan politieke bijeenkomsten en 29% denkt dat ‘politici de best mogelijke toekomst willen voor jongeren’. Millennials geloven niet meer in de partijpolitiek als vehikel voor maatschappelijke verandering. Het is echter niet het gebrek aan politieke opvoeding of aan burgerzin die millennials doet afhaken; eerder een gebrek aan politiek project dat zij inspirerend en de moeite waard vinden om in te investeren. De alarmbellen mogen stilaan afgaan op de hoofdkwartieren van onze politieke partijen.

Wim Vermeersch
Hoofdredacteur Samenleving en politiek en medewerker Stichting Gerrit Kreveld

Noten
1/ De resultaten van ‘The Millennial Dialogue’ in de verschillende onderzochte landen zijn te lezen in: Skrzypek Ania, Freitas Maria, The Future Starts now! 10 cornerstones of the Dialogue. Between the Progressive Family and the Millennials Generation, 2015.
2/ U vindt de integrale enquête ‘The Millennial Dialogue: Belgium’ via www.sampol.be. De enquête werd uitgevoerd door AudienceNet. AudianceNet begon met een online onderzoek onder 1008 (totaal gemeten als 1000) 16- tot 35-jarige Belgen en vervolgens vond er, onder leiding van een moderator, een week lang een online dialoog plaats met 40 millennials. Deze groep bestond uit: de politiek betrokkenen; de gemiddeld betrokkenen en de politiek ongeïnteresseerden. De testgroep was dusdanig geselecteerd zodat deze representatief was voor alle Belgische millennials. Dit had betrekking op: leeftijd, geografische regio, huishoudinkomen en opleidingsniveau. Het onderzoek en de online dialoog werd gehouden in zowel het Nederlands als het Frans.
3/ Filip De Maesschalck, Hoe representatief is Michel I?, Samenleving en politiek, jg. 21/nr. 10, december 2014, pp. 54-67.
4/ Olivier Beys, Jongeren als voorhoede van een nieuwe economie, Oikos 71, 4/2014, pp. 33-40.
5/ Dansen, moshen én debatteren. De Morgen, 18/08/2016.
6/ Mark Elchardus, Voorbij het narratief van neergang, 2015, Uitgeverij Lannoo, 228 p.
7/ Belangrijke kwaliteiten voor een verkozen politicus zijn o.a. betrouwbaarheid (90%), eerlijkheid (89%), intelligentie (89%), goed kunnen omgaan met crisissituaties (88%), naar anderen kunnen luisteren (88%).
8/ Vermeersch Wim. Belgium, Millennials and Employment, Call to Europe VI, te verschijnen.
9/ Deze enquête werd afgenomen in de maand mei: na de aanslagen in Parijs en Brussel, maar voor die in Istanbul en Nice.

millennials - politiek - politieke interesse

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 7 (september), pagina 96 tot 104