Log in

Berchem: ons dorp tegen 't Stad

MIJN GEMEENTE, VK 14/10

Hier wonen heeft ons verlangen in de stad te leven maar onze kinderen de charme van een dorp mee te geven, vervuld. Alleen is er dat fijn stof.

Op mijn negentiende trok ik na een jaartje op kot in Gent naar Antwerpen. De metropool was een logischere keuze dan Gent: als meisje uit de Kempen was het veel dichter bij huis, en haast al mijn vrienden zaten al in 't Stad. Ik ben er nooit meer vertrokken. Als studente en later als startende werknemer heb ik in bijna elke wijk binnen de Singel gewoond. Toen ik verliefd werd op een Bruggeling die in Brussel studeerde heb ik hem niet veel keuze gegeven. Laat die B-steden achter, en kom naar 'A'. Ons eerste appartementje samen, achter het Giraffenplein in Borgerhout, bleek snel te klein toen er een baby aankwam. We verhuisden naar een leuk huurhuisje vlak naast het Krugerplein. Heerlijke tijd, heerlijke buurt.

Maar toen er een tweede kindje aankwam, besloten we een huis te kopen. Onze eisen waren hoog: we wilden een tuin en een garage. Onbegonnen werk aan ons budget binnen de Singel bleek al snel. Tientallen huizen gingen we bezoeken, het ene nog bouwvalliger dan het andere, en de vraagprijzen leken ons astronomisch. Toch eens buiten de Singel proberen, dachten we. Ik had eerder een huis gedeeld met vriendinnen in Oud-Berchem, dus op goed geluk zocht ik eerst in Berchem, Groenenhoek. Ik weet het moment nog exact toen we beslisten: dit huis wordt het. We reden onze straat in. Er was een parkeerstrook, daarnaast een rij bomen die prachtige roze bloesems droegen, en daarnaast een ruim voetpad. Voor ouders van jonge kinderen is dat alleen al een reden om meteen een verkoopcontract te tekenen. Toen ook nog eens bleek dat dit huis een garage en een tuin had waar de hele dag zon staat en die grenst aan andere tuinen en een scoutslokaal, was de deal voor ons beklonken.

We hebben het ons nog niet vaak beklaagd. Het is hier goed wonen, in onze – letterlijk –groene hoek. Zeker voor jonge gezinnen. De onthaalmoeder van onze jongste woont twee deuren verder. Vijftig meter naar links zit er nog een kinderopvang. We brengen onze oudste twee te voet naar een schooltje in de buurt. Daar zit de hele wereld op een kluitje bij elkaar, en dat werkt. De juffen zijn er begaan met ieder kind, de directrice kent ouders bij naam. Het voelt allemaal heel warm, en dorps. Iedere woensdag haalt mijn mama de kinderen op en spelen ze een hele middag in één van de vele parken en speeltuintjes in de buurt.

In de zomer spreek ik vaak met vriendinnen af op de Dageraadplaats, net buiten Berchem maar met mijn fiets sta ik er op vijf minuten. We zijn ook vaste klant in de Zomerfabriek, één van de leukste plekjes om tijdens de zomermaanden cultuur op te snuiven of een feestje te bouwen. En dan heb ik het geweldige jeugdhuis hier om de hoek, Den Eglantier, nog niet vermeld. Er is hier zoveel te doen. Activiteiten voor jong en oud, waar ook écht een doorsnede van de buurt op af komt. We halen vaak boekjes in De Vertellerij, het kleine buurtbibliotheekje waar men al staat te zwaaien met boeken van 'Thomas de trein' als ze mijn zoons snoet zien verschijnen. Wonen in deze wijk heeft ons verlangen in de stad te leven maar onze kinderen de charme van een dorp mee te geven, vervuld.

Voor iemand als ik, zonder rijbewijs, is het ook een enorme luxe om zo dicht bij Berchem station te wonen. Tien minuutjes te voet, vier minuten via de vernieuwde fietsbrug. Het is eigenlijk enkel dan, als ik over die fietsbrug rijd of langs het padje naast de spoorweg wandel dat ik ten volle besef dat er ook een heel groot nadeel is aan wonen waar we wonen. Eentje dat ons er op termijn wel eens kan toe drijven om ons droomhuis hier te achter te laten. Op welk uur van de dag ik ook over de ring wandel of fiets: bijna altijd zie ik een file onder me van auto's en vrachtwagens die met veel te veel tegelijk Antwerpen proberen omzeilen. Als je daar het feit dat onze straat en de omliggende straten steeds vaker een sluiproute worden om die file te omzeilen en het aantal vluchten dat gestaag lijkt toe te nemen boven ons gezellig tuintje bijtelt, weet je al dat het qua fijn (en ultrafijn) stof een absolute hot spot is. En dat voelen wij. Eén van onze dochters heeft al sinds haar geboorte last van haar luchtwegen en eczeem. De dokter is onverbiddelijk in haar oordeel: fijn stof is de oorzaak. Als we een weekje op bezoek zijn bij familie op het platteland zien we haar toestand meteen verbeteren. Dat maakt ons bang.

Ik kocht een hele tijd geleden een stukje van Ringland, en telkens ik over de ring wandel fantaseer ik over hoe het zou kunnen zijn, met een overkapte ring. Of bedenk ik hoe absurd het is dat koning auto nog steeds regeert in een stad die zo leeft als Antwerpen. Hoe lang kan onze Groenen Hoek groen blijven als we blijven zwaaien met subsidies voor bedrijfswagens en blind blijven voor de gebreken van het openbaar vervoer? Als dàt probleem nu ook nog eens zou worden aangepakt, en we hiervoor doortastende maatregelen zouden durven nemen, zou ik de rest van mijn dagen in ons dorp tegen 't Stad willen blijven.

Deze bijdrage verscheen in de reeks Mijn Gemeente, VK 14/10