Log in

Back to basics?

De partijconferentie van Labour

Samenleving & Politiek, Jaargang 7, 2000, nr. 8 (oktober), pagina 27 tot 29

De Labour-partijconferentie van eind september in Brighton - de laatste voor de parlementsverkiezingen van volgend jaar - werd gedomineerd door twee thema’s: petrol and pensions. Luttele weken voor deze bijeenkomst verkoos de regering geen gevolg te geven aan de roep van truckers en anderen voor een belastingverlaging voor brandstof. In de peilingen, die in het voorjaar al een knik te zien gaven, werd deze kwestie duur betaald. Voor het eerst sinds 1997 gaven die een voorsprong te zien voor de Conservatieven (drie à acht punten) en werd het vooruitzicht onzeker dat Labour twee legislaturen zou kunnen regeren.

Blair moest dus reageren. De vraag was vooral op welke manier. Met de spin die de partij in de voorbije jaren in overvloed spuide, of met een meer principiële aanpak die swing voters moet overtuigen om Labour niet de rug toe te keren. De premier koos voor het laatste. Meer substance dus. Daarmee werd het congres in Brighton de meest politieke en de meest sociaaldemocratische conferentie van de laatste jaren.

Belastingen

Taks is een taboewoord in de Britse politiek. Over een rechtvaardige fiscaliteit als middel om te herverdelen, kan sinds geruime tijd nog slechts heimelijk worden gepraat in het Verenigd Koninkrijk. Achttien jaar Conservatief bewind (1979-1997) en de tabloids hebben de geesten op dat punt geperverteerd. Deze Labour-regering draagt daar ook de gevolgen van. Toen zij aantrad beloofde zij de eerste twee jaren niet aan de budgettaire plannen van de Tories te raken en de inkomensbelasting niet te verhogen. Kwestie van niet langer als een pure tax and spending party te worden gezien. Daarmee werd wel een hypotheek gelegd op de pogingen om snel wat te doen aan de sociale ruïne die door Thatcher en Major was nagelaten, maar die keuze leek nu eenmaal onafwendbaar.
Het geld voor de hervormingen kwam hoofdzakelijk van de windfall tax (op de geprivatiseerde nutsbedrijven), van de vruchten van de aantrekkende economie en van indirecte belastingen. Tot die laatste behoorde een snel stijgende belasting op brandstof. Sinds het moment dat Labour overnam en vandaag steeg de benzineprijs met 42 %, waarvan de helft kan worden toegeschreven aan belastingverhogingen. Eerlijkheidshalve dient te worden gezegd dat de Conservatieven in 1993 met die verhogingen waren begonnen, maar dat zijn de kiezers vandaag al vergeten.

Gevaar

In het licht van die voorgeschiedenis verbaast het niet dat de brandstofkwestie als een blikopener heeft gewerkt. Blair en Brown constateerden plotseling dat de verhoogde indirecte belastingen hun nu toch werden aangerekend. Anderen opperden dat er een onevenwicht aan het groeien is tussen directe en indirecte belastingen, stelden vragen bij de rechtvaardigheid van sommige belastingen, of grepen terug naar het aloude sociaaldemocratische thema van een progressief belastingregime. Old Labour leek weer een punt te hebben. Ook binnen de partij riepen sommigen om een verlaging van de brandstofbelasting.

Blair onderkende het gevaar. Hij en Brown gaven op de partijconferentie het passende antwoord. Neen aan de truckers, de tabloids en allerhande allesbehalve progressief volk die om een tax cut (voor fuel) schreeuwden, maar niet willen geweten hebben dat de belastingen op arbeid en lonen veel lager zijn dan op het continent. Neen aan al diegenen die op korte termijn belastingsverlagingen verkiezen boven economische stabiliteit, beter onderwijs, betere gezondheidszorg, kortom boven de verbetering van de publieke voorzieningen waarvoor deze Labour-regering zich via meerjarenplannen heeft geëngageerd en waarvoor belastingen moeten dienen.

Verkiezingen

Daarmee heeft New Labour een belangrijk debat geopend in de Britse politiek, een debat - over tax and spending - dat zij jarenlang niet heeft aangedurfd maar dat nu de inzet wordt van de volgende verkiezingen. De snelheid waarmee Blair deze keuze heeft gemaakt, tekent de kwaliteit van deze politicus. Die keuze was ook nodig. Toegeven inzake de brandstoftaks - terwijl het einde van de oplopende brandstofprijzen nog lang niet in zicht is - hield een potentiële bedreiging in voor de geloofwaardigheid van het hele project van New Labour. En dus koos Blair in Brighton voor een offensieve aanpak van de kwestie. Aan de Independent on Sunday verklaarde hij dat ,,de mensen geen belastingen willen betalen, maar wel goede publieke voorzieningen wensen’’.
Op het congres hield hij een warm pleidooi voor die voorzieningen. Hij liet de klassieke opmerkingen over de gebreken ervan achterwege en legde voor het eerst het verband tussen die voorzieningen en belastingen. Herstel van die voorzieningen is een werk van tien, twintig jaar. Dat had men van begin af aan de kiezer gemeld. Maar nu laat Labour verstaan dat ,,some tax and some spending’’, aldus John Prescott, nodig is om dat herstel te verwezenlijken. In een land waar de tabloids op tijd en stond een belastinghysterie ontketenen, is dat een moedige daad. De kiezer heeft nu de keuze: de modernisering van de Britse verzorgingsstaat verder in de handen leggen van Labour en haar daarvoor de middelen verschaffen door inconvenient taxes te accepteren; of de Tories terug aan de macht brengen en hun plannen met de publieke voorzieningen in de koop nemen.

Realisme

Door de kiezer nu reeds voor een duidelijke keuze te plaatsen, hebben Blair en Brown verstandig gehandeld. Naar de grond van de zaak is duidelijkheid absoluut gewenst. Labour beseft dat het herstel en de modernisering van de publieke voorzieningen hopen geld zal blijven kosten. Ook de ontzettend ambiteuze doelstelling om in één generatie de armoede uit de wereld te helpen, zal onvermijdelijk nieuwe ‘transfers naar families en kinderen’ noodzakelijk maken.
Dat realisme vraag om een nieuw mandaat. De bevolking klaagt dat zij in de praktijk te weinig vooruitgang ziet. Labour beseft dat de grens van de spin is bereikt en dat er sneller resultaten moeten komen. Tactisch gesproken ligt de bal nu in het kamp van de Conservatieven. Zij hebben voor zestien miljard pond besparingen aangekondigd en leggen Labour het vuur aan de schenen inzake pensioenen. Tot dusver hebben zij het echter vertikt, aan te geven in welke sectoren zal worden gesneden.

Die rekenschap zal Labour voortaan voortdurend vragen. De Tories moeten nu concreet worden over hun plannen inzake onderwijs, gezondheidszorg, werk en pensioenen. Wat dat laatste betreft, hebben we reeds een voorsmaakje gekregen op het congres van de Conservatieven in Bournemouth. Zij willen de gepensioneerden wat meer geven (dan Labour), maar dat zal dan wel ten koste gaan van de alleenstaande moeders en de arme gezinnen. De strijd zal dus vooral gaan om de 11 miljoen gepensioneerden, de snelst groeiende groep binnen het electoraat. Brown heeft in Brighton alvast aangekondigd dat de laagste pensioenen, en vooral die net daarboven, volgend voorjaar op een bonus kunnen rekenen.

Peilingen

In de peilingen is Labour de Tories intussen alweer voorbijgestoken. Het mea culpa van de premier inzake de Dome, de pensioenen en de zogenaamde arrogantie met betrekking tot de brandstofcrisis heeft gewerkt. Of de meer principiële benadering van some tax and some spending zal pakken, valt af te wachten. De ongerustheid over de vlottende kiezers is gezaaid. Hoe betekenisvol zijn de sprongen in de peilingen? En wat zijn er de oorzaken van? Als Labour-kiezers bij de minste onrust aan de pomp de partij de rug toekeren, dan lijkt niets nog zeker. Natuurlijk is er niet alleen de brandstofkwestie. Nogal wat kiezers die de beloften van Labour inzake onderwijs en gezondheidszorg honoreerden, vinden het allemaal wat lang duren.

Veel kiezers vinden tegenwoordig dat er meteen aan hun wensen moet worden voldaan, alsof maatschappelijke verandering even klikken is met de muis van je computer. En wat al helemaal niet helpt, zijn de tabloids, die de feiten met betrekking tot het beleid van Labour niet publiceren maar toch door veel kiezers worden geloofd. In die omstandigheden heeft New Labour nu een duidelijke rode streep getrokken tussen haar en de Tories. De Conservatieven blijven, ondanks hun winst in de peilingen, de op één na onpopulairste oppositie sinds zestig jaar. New Labour kan volgend jaar nog altijd ruim winnen. Per slot van rekening, zo redeneert men bij Labour, ging Al Gore ook vooruit in de peilingen sinds hij onderwerpen als onderwijs en gezondheidszorg aansneed.

Samenleving & Politiek, Jaargang 7, 2000, nr. 8 (oktober), pagina 27 tot 29