Log in

'Gevaar op accidentele Brexit'

Interview met Richard Corbett (Europarlementslid Labour)

Na 25 mei bevolken een hele reeks nieuwe mensen de Europese instellingen. De Brit Richard Corbett is een stabiele factor - de laatste vijftien jaar werkte hij in het Parlement en voor de Raad - en dus de ideale persoon om het nieuwe Europese Parlement, de Commissie en de Raad onder de loep te nemen. Hij verwacht dat deze termijn vooral rond buitenlands beleid zal gaan, maar hoopt eigenlijk op stappen richting een warmer Europa. "Onze S&D-groep stemde voor Jean-Claude Juncker omdat hij een ander beleid dan de vorige Commissie belooft. Het zal zaak zijn hem daaraan te houden." Ondertussen is het voor Europa bang afwachten wat de Britse verkiezingen van 2015 brengen. "Indien David Cameron herverkozen wordt, dreigt een ‘accidentele’ Brexit. Een absoluut horrorscenario."

In Groot-Brittannië stort de boulevardpers dagelijks een bak EU-verzinsels over de lezers uit. Het beïnvloedt wat mensen over Europa denken en maakt de job van Labour-europarlementslid bij wijlen weinig benijdenswaardig. Bijna zijn hele professionele loopbaan vecht Richard Corbett (1955) tegen vooroordelen over de Unie. Hij was het eerste Britse europarlementslid met een blog, die Wall Street Journal in 2004 uitriep tot een van tien beste politieke blogs in Europa, en fungeert als onvermoeibare myth buster: neen, de Commissie mààkt geen wetten; neen, de EU is geen bureaucratisch monster; neen, Brits lidmaatschap kost geen fortuin; neen, het Europees Parlement is niet tandenloos; neen, de meeste van onze wetten komen niet van Brussel. Enzovoort. Een mens zou er moedeloos van worden; maar niet Richard Corbett. Hij begeeft zich met evenveel enthousiasme door de gangen van het Europees Parlement als zijn eerste dag als verkozen lid in 1999. Hij heeft er intussen een indrukwekkende carrière opzitten, is onderweg een halve Belg geworden, spreekt Nederlands en gaat nu zijn derde termijn in als europarlementslid. De voorbije jaren was hij adviseur in het team van de Voorzitter van de Europese Raad, Herman Van Rompuy. Niet verwonderlijk werd hij in 2012 door een panel van journalisten, academici en Britse diplomaten op rust uitgeroepen tot de vierde meest invloedrijke Brit inzake EU-beleid (vóór de Britse eerste minister en grootkanselier).

Als we Richard Corbett ontmoeten, is hij net terug van het jaarlijkse Labour-congres; het laatste voor de verkiezingen van volgend jaar. Dan beslissen de Britten of David Cameron dan wel Ed Miliband de sleutels van Downing Street 10 in handen krijgt. Het is, om veel redenen, een zeer belangrijke stembusgang. De Labour-voorzitter stelde op het congres het ambitieus zespuntenplan ‘Britain 2025’ voor; zijn mission statement met doelstellingen die volgens hem twee ambtstermijnen nodig hebben om te worden gerealiseerd. Maar ook voor het Brits EU-lidmaatschap worden het cruciale verkiezingen. "Europa wordt onvermijdelijk een belangrijk onderwerp in de campagne", stelt Richard Corbett. "Het is een punt waar de twee belangrijkste partijen fel van mening verschillen, met als bijkomende moeilijkheid de factor UKIP die in ieders hielen bijt. Het standpunt van Labour is duidelijk: geen Brexit, geen referendum. De conservatieve partij is sterk verdeeld over de Europa-kwestie. Daar is een oorlog aan de gang tussen de gematigde en de eurosceptische rechtervleugel. Die laatste zal in de campagne een Manifesto met onmogelijke beloftes formuleren - zoals de Trotskisten dat vroeger deden - om David Cameron te bewegen tot het formuleren van red lines in zijn geplande onderhandelingen met Europa."

Als David Cameron herverkozen wordt, wil hij het Britse EU-lidmaatschap heronderhandelen en dat vervolgens in 2017 aan de kiezer voorleggen_

"Inderdaad. Cameron plant twee ronden van pure blackmail. Eerst zal hij een aantal veranderingen aan het EU-systeem eisen en het scenario van een Brexit geloofwaardig maken. Vervolgens zal hij de Britse bevolking in een referendum vragen om voor zijn veranderde Europa te stemmen omdat een Brexit een economische ramp zou betekenen voor het land. De enige optie is dan om zijn - koud en kil - Europa goed te keuren. Een status quo zal niet op het formulier staan, noch een ander Europa dat bijvoorbeeld Labour voorstaat. Een referendum lijkt democratisch, maar is dat helemaal niet. Ook is het een riskante strategie: eerst moet hij andere EU-lidstaten chanteren door te stellen er écht te zullen uitstappen; daarna dat Groot-Brittannië er niet màg uitstappen wegens te gevaarlijk. Een ‘accidentele’ Brexit behoort op die manier tot de mogelijkheden. Het is een absoluut horrorscenario."

Labour spreekt zich nu reeds resoluut uit tegen zo’n in-or-out referendum. Een verstandige keuze?

"Ik denk het wel. Slechts een kleine minderheid in mijn partij waarschuwt om in deze verkiezingscampagne te strijden tegen het referendum. Volgens mij hebben ze ongelijk. Een. Er zitten toch niet zoveel stemmen in voor Labour. Dit onderwerp komt op plaats 12 in de prioriteitenlijst van onze kiezers. Zij die dat wel hoog op hun lijstje hebben staan, stemmen waarschijnlijk al lang niet meer voor Labour en zullen niet terugkeren, mochten wij nu ook voor een referendum zijn. Twee. Veel buitenlandse bedrijven hebben vestigingen in Groot-Brittannië om zo toegang te hebben tot de Europese eenheidsmarkt. De idee dat we de Unie zouden verlaten, betekent dat ze zullen wachten op de uitkomst van het referendum voor ze over hun volgende investering beslissen. We moeten ons nu fel uitspreken tegen dat referendum, anders schaadt dat de Britse economie. Drie, en dat is de belangrijkste reden. Als je een referendum belooft, moet je het ook uitschrijven. De eerste twee jaar van uw regering staan dan volledig in dat teken. Alle andere prioriteiten staan on hold om dat referendum te organiseren én te winnen. Als je vervolgens het referendum verliest, moet je de rest van de ambtstermijn de Brexit onderhandelen en tegelijk nieuwe handelsovereenkomsten afsluiten met elk land in de wereld zonder die Europese eenheidsmarkt achter de hand. Dat is een nachtmerrie. Je kan dan beter niet aan de macht komen."

Welke lessen trok uw partij uit het Schotse referendum?

"Alleszins dat er een duidelijke wens leeft voor meer decentralisering, zelfs bij diegenen die geen onafhankelijkheid willen. Na een alarmerende peiling een week voor het Schotse referendum, beloofde David Cameron het decentraliseren van een reeks bevoegdheden. Het wordt niet evident dat uit te voeren. Voor de Schotse nationalisten zal dat niet ver genoeg gaan. Maar het werpt ook ‘de Engelse kwestie’ op. In Groot-Brittannië hebben we bevoegdheden asymmetrisch gedelegeerd; naar Schotland, Noord-Ierland en Wales maar niet binnen Engeland zelf. Maar het stelt nu wel het probleem van de ‘The Midlothian Question’: namelijk de onbestendigheid dat parlementsleden die Schotse kiesdistricten vertegenwoordigen in Westminster wel mogen stemmen voor kwesties die enkel met Engeland te maken hebben, maar omgekeerd niet. Om tactische redenen springen Engelse nationalisten, UKIP en de Conservatieve Partij daar nu op. Want mocht Labour in 2015 een meerderheid halen in Groot-Brittannië dan is dat misschien geen meerderheid in Engeland. Met een gewijzigde wet, die stelt dat in de House of Commons alleen Engelse MP’s mogen stemmen over wetten die met Engeland te maken hebben, zou een deel van het Labour-regeringsprogramma niet kunnen worden ingevoerd zonder steun over de partijgrenzen heen. Niet evident."

Opluchting bij Labour over de Schotse ‘NAY’, maar zeker ook in Europa. Zelfs de immer rustige Herman Van Rompuy stelde wat paniekerig dat het niet evident was dat Schotland zomaar EU-lid wordt.

"Hij hield zich nochtans bij de feiten: had Schotland het Verenigd Koninkrijk verlaten, was het geen EU-lidstaat om de simpele reden dat het niet op de lijst van lidstaten zou staan in het Verdrag. Schotland had dus ofwel een toetredingsaanvraag moeten indienen ofwel moest de Unie zelf haar Verdrag aanpassen. Beide gevallen vereisen unanimiteit in de Raad en ratificatie in alle nationale parlementen. Spaanse, en misschien ook andere, regeringen zouden dat niet zo gauw gedaan hebben omdat het een precedent creëert voor nationalistische bewegingen elders."

In het nieuwe Europese Parlement zitten heel wat eurosceptici, nationalisten en populisten. Zal dat de dynamiek in het halfrond veranderen?

"Zeer zeker. Al was het maar omdat ze de plenaire vooral zullen gebruiken voor spectaculaire tussenkomsten, stunts, vlaggenzwaaien, dat soort dingen; het nitty gritty werk in de commissies interesseert hen niet. Maar dit is niets nieuws. Sinds 1979 was er altijd al zo’n 10% van de europarlementsleden die ofwel wilde dat hun land de EU moest verlaten dan wel dat de EU niet mocht bestaan. Tot op een zekere hoogte zijn we dat dus gewoon. Nu zijn het er meer - zo’n 18%, afhankelijk van hoe je ze definieert - maar het is geen samenhangend blok. Extreemrechts positioneerde zich in de campagne om electorale redenen vooral tegenover elkaar. Nigel Farage stelde nooit te willen samenwerken met Marine Le Pen; zij en Geert Wilders wilden dan weer niet in zee met de Hongaarse Jobbik-partij, die op haar beurt niet wilde samenwerken met de Griekse Gouden Dageraad. Dat hypothekeert een gezamenlijke internationale alliantie, net als het ene element dat ze gemeen hebben: hun afkeer van buitenlanders. Nog steeds hebben ze geen politieke fractie; dat wordt dus geen sterke kracht in het parlement. De eurosceptische groep van Nigel Farage wist wel een fractie te smeden, maar enkel omdat ze één europarlementslid van het Franse Front National kon binnenrijven. Anders hadden ze niet voldoende nationaliteiten."

Hun aanwezigheid maakt wel dat de traditionele partijen nog meer op elkaar zijn aangewezen, met het risico dat de sociaaldemocratische of christendemocratische fractie de eigen identiteit verliest.

"Ook dat is niet nieuw. Wetgeving, of een beslissing over het budget, wordt er nooit door geramd met een nipte rechtse of linkse meerderheid. In de Raad kan dat sowieso niet; daar is een gekwalificeerde meerderheid van 74% van de stemmen nodig. Zo’n hoge drempel heeft centrumlinks- of rechts nooit gehaald. En ook het parlementaire systeem is per definitie consensueel. Het advies op een voorstel van de Commissie wordt er aangenomen bij gewone meerderheid; bij de tweede lezing is een volstrekte meerderheid noodzakelijk om de positie van de Raad te veranderen of te verwerpen. Het noopt het Europees Parlement tot een informele Grand Coalition van christendemocraten en sociaaldemocraten en stevige onderhandelingen. Voor elk dossier kan de samenstelling veranderen. Je hebt meestal de twee ‘groten’ nodig, maar daarlangs varieert het: de ene keer zijn de Groenen aan boord, de andere keer de Liberalen. Zelfs binnen de twee grootsten kan je een S&D- of EVP-stem hebben, zonder dat bijvoorbeeld de Franse socialisten of de Duitse christendemocraten meestemmen."

De publieke opinie ziet natuurlijk enkel dat iedereen voor dezelfde zaken stemt, niet dat de S&D-groep een voorstel een bepaalde kant heeft opgetrokken.

"Daarom kijken we altijd uit naar stemmen waar we wel het verschil kunnen maken; zelfs als de stemmen er niet toe doen. Bijvoorbeeld in resoluties over buitenlands beleid, of algemene resoluties waar we geen consensus proberen te bereiken. Het is een manier om ons profiel meer in de verf te zetten."

Rond welke onderwerpen zal de S&D-fractie de volgende vijf jaar werken?

"Groei die jobs creëert, milieu- en klimaatverandering en zeker ook buitenlands beleid. De voorlaatste termijn focusten we met de Conventie en het Verdrag van Lissabon vooral op institutionele kwesties; de vorige door de economische crisis op economische kwesties; de komende termijn zal voornamelijk gaan over buitenlands beleid. Internationale gebeurtenissen - van Oekraïne tot het Midden-Oosten - zullen ons daartoe dwingen.

Sommigen hopen dat dit de termijn van het sociale Europa wordt. Herman Van Rompuy stelde na de verkiezingen dat Europa sterker naar buiten toe moet worden, maar warmer voor haar eigen burgers.

Krijgen we met de nieuwe Commissie een shift van besparingsbeleid naar een beleid gericht op groei?

"Ik hoop het van harte; Jean-Claude Juncker onderschreef die doelstelling alleszins. Maar ook de Commissie is een kwestie van coalities tussen christen-, sociaaldemocraten en liberalen. Ik vergelijk het altijd met de Zwitserse regering, waar de vier grootste partijen sinds mensenheugenis de regering vormen ongeacht wat er gebeurt. Natuurlijk veranderen balansen. Onze S&D-groep stemde voor Jean-Claude Juncker omdat hij een ander beleid dan de vorige Commissie belooft. Het zal zaak zijn hem daaraan te houden. Hij beloofde ons de Franse socialist Pierre Moscovisci als Commissaris voor Economische en Financiële Zaken - een goede zaak - maar tegelijk moet die twee vicevoorzitters boven zich dulden, de Fin Jyrki Katainen en de Let Valdis Dombrovskis, die een zeer rechtse profiel hebben. We moeten dus wakker blijven."

Juncker gaat met ‘projectteams’ werken, die geleid worden door een van de zeven vicevoorzitters. Hij wil zo de werking van de Commissie drastisch innoveren. Bestaat het gevaar niet dat die vicevoorzitters de Commissarissen die onder hun patronage vallen, zullen overrulen?

"Zeer zeker. Door een reorganisatie van de Commissie met vicevoorzitters die hiërarchisch boven de ‘gewone’ Commissarissen staan, probeert Juncker een sterke Commissie te creëren die opnieuw onafhankelijk van de lidstaten het beleid van de Europese Unie kan uittekenen. Maar zo’n matrix is niet eenvoudig. Hebben de liberale Katainen en zeer liberale Dombrovskis een veto over wat Moscovici doet? Wordt het een hiërarchische relatie waarbij Moscovisci hen een voorstel moet doen of kunnen ze gezamenlijk voorstellen uitwerken? Dat valt te bezien. Als de vicevoorzitter niet akkoord gaat met de Commissaris, of vice versa, bestaat alleszins de mogelijkheid op een algemene discussie in het college."

Niet alleen over het format van de nieuwe Commissie, maar ook over een aantal Commissarissen zelf valt een en ander te zeggen. Krijgt Links het moeilijk in Team Juncker?

"Er zijn een aantal Commissarissen waar vraagtekens bij te stellen zijn. (nvdr., de definitieve uitkomst van de hoorzittingen was op dit moment nog niet gekend.) De Hongaarse Commissaris voor Burgerschap, Tibor Navracsics, is een vertrouwenspersoon van Viktor Orban die in eigen land een loopje neemt met burgerlijke vrijheden. De Spaanse Commissaris voor Energie en Klimaat, Miguel Arias Cañete, heeft nauwe banden met de olie-industrie. Dat de verantwoordelijkheid voor de farmaceutische industrie en de autorisatie van medicijnen van de Commissaris voor Gezondheid naar de Commissaris voor Ondernemingen gaat, is te gek voor woorden. Opvallend is ook dat de Sloveense waarnemend premier, Alenka Bratusek, zichzelf aanduidde als Commissaris voor Energie Unie. Het is alsof Elio Di Rupo zichzelf zou afvaardigen als Commissaris. Ook de keuze voor Jonathan Hill, een conservatieve Britse ex-lobbyist, als Commissaris voor Financiële Zaken is dubieus. Het kan een manier zijn om the City mee aan boord te trekken, maar op het eerste zicht ziet dat er netelig uit."

Stel u voor dat hij was weggestemd tijdens zijn hoorzitting als nieuwe commissaris: het zou een nucleaire bom gegooid hebben op het Europa-debat in Groot-Brittannië.

"Hill moest weliswaar terugkomen voor eenherexamen, maar we moesten om de reden die u noemt toch wat voorzichtig zijn bij de hoorzitting. We willen alleszins dat hij zich inschrijft in de voorstellen van Juncker en geen obstakel wordt. Ik heb hem al meermaals ontmoet. Hij wil een bruggenbouwer zijn en sprak reeds met alle Labour-europarlementsleden. Trouwens, als je een Commissaris wegstuurt bij de hoorzitting omwille van zijn politieke overtuiging, zal zijn vervanger sowieso iemand zijn van dezelfde politieke familie. Dan kregen we misschien iemand uit de radicale eurosceptische rechtervleugel van de Britse Conservatieve Partij in de plaats."

Een van de zwaargewichten in de Commissie wordt voormalig Nederlands Minister van Buitenlandse Zaken, Frans Timmermans, als Commissaris voor Betere Regelgeving en eerste plaatsvervanger voor Juncker.

"Nederland kende in 2005 natuurlijk haar eigen referendum over de Europese Grondwet. Dat betekende een schok door hun politiek systeem. Sindsdien hameren ze sterk op het belang van subsidiariteit en het afbouwen van een teveel aan regulering vanuit Brussel. In mijn mening is dat laatste een overdreven visie. Volgens de bibliotheek van de Britse House of Commons gaat het slechts om 6,8% van de Britse wetten en 14,1% van de statutaire instrumenten. Bovendien doet de Europese Commissie enkel voorstellen. Om enige wetgeving uit het EU-systeem te krijgen, heb je naast het Parlement ook 74% van de stemmen in de Raad nodig. Daarin zitten nationale ministers die verantwoording moeten afleggen aan nationale parlementen. De idee dat Brussel wetgeving oplegt aan zijn lidstaten die daar niet van af weten, is absoluut belachelijk."

Zal de portefeuille van Timmermans een invloed hebben op wat uit de Europese instellingen komt?

"Timmermans zal zeker een invloed hebben op het functioneren van de Commissie. Hij zal streng toekijken op wat hij beschouwt als overbodige voorstellen. Mocht een voorstel van de Commissie sowieso niet ver geraken in het Parlement en de Raad, dan is het de taak van Timmermans om dat tegen te houden. Maar ik verwacht dat hij controversiële beslissingen zal nemen. Dat zal leiden tot spanningen met andere Commissarissen, of met de Raad en het Parlement als die een voorstel verwachten vanuit de Commissie. In theorie heeft hij een veto. Door interne procedures kan men wel een discussie in de Commissie afdwingen. Timmermans zal dus niet alles kunnen afblokken."

België levert Marianne Thyssen, als Commissaris voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

"Ze behoort tot de sociale vleugel van de Vlaamse christendemocratie, die sowieso al meer centrum is dan in andere landen, en was dus geen ‘doelwit’ van de S&D-groep tijdens de hoorzitting, verre van. Maar ook zij zal als Commissaris verantwoording moeten afleggen aan ‘liberale’ vicevoorzitters Katainen en Dombrovskis. Afwachten dus."

Het rapport van haar voorganger, de Hongaar László Andor,_ _oogt erg pover. Denk aan de arbeidstijdenrichtlijn, richtlijn over zwangerschapsverlof, sociaal investeringspakket, sociaal scorebord, enzovoort.

"Klopt. Maar je moet kijken naar de onderliggende redenen waarom de uitbouw van een sociaal Europa de laatste vijf jaar stagneerde: dat kwam door het overwicht van centrumrechtse regeringen in Europa. Mocht volgend jaar Labour in Groot-Brittannië aan de macht komen, dan zitten sociaaldemocraten in de vier grootste landen aan het stuur: Groot-Brittannië, Frankrijk, Italië en Duitsland, zij het daar in coalitie. In Frankrijk ziet het er niet goed uit voor François Hollande, maar we krijgen in 2015 misschien Spanje in de plaats. In Zweden komt nu ook Stefan Löfven aan de macht. In meer dan 20 van de 28 landen zitten sociaaldemocraten in regeringen, alleen of in coalitie. Nu we stilaan uit de economische crisis kruipen, is dat een belangrijke factor. Dat was een aantal jaar geleden niet het geval."

Welke kansen dicht u Marianne Thyssen toe om vooruitgang te boeken op sociaal vlak?

"Een van de grootste bedreigingen van onze welvaart is sociale en fiscale dumping. Nu burgers daar bewuster van zijn, vergroten haar kansen om er daadwerkelijk iets aan te doen. Ze kan door Europese wetgeving sociale standaarden invoeren. Ook kan ze Aanbevelingen doen dat lidstaten een minimumloon moeten invoeren van 60% van het mediaaninkomen. Stilaan draait de wind. Zelfs Olli Rehn stelde onlangs dat Duitsland zijn lonen moet verhogen omdat de interne vraag niet groot genoeg is. Iedereen dacht altijd dat we niets konden zeggen tegen grootmacht Duitsland. Nu is er de ‘macro-economische onevenwichtsprocedure’, ingevoerd in 2011, die riskante macro-economische ontwikkelingen moet corrigeren. De Duitse vraag stimuleren - ofwel fiscaal ofwel door het optrekken van het minimumloon - had al jaren deel moeten uitmaken van een betere aanpak van de crisis. Nu pas rijpen de geesten."

Ook de Europese Raad krijgt - met de Pool Donald Tusk - een nieuw gezicht. Is hij voldoende bruggenbouwer? Zijn uitspraken over o.a. Rusland beloven weinig goeds.

"(voorzichtig) We zullen zien. Ik ken hem daarvoor niet goed genoeg. Hij zal beseffen dat de diplomatie de enige manier van werken is. Naar wat ik vernam, is hij geen hardliner inzake Rusland."

U werkte als adviseur nauw samen met Herman Van Rompuy. Wat was zijn grote kracht?

"Van Rompuy was de allereerste voorzitter van de Europese Raad; de moeilijkste van alle EU-instellingen omdat die werkt met consensus. Het bekomen van unanimiteit met 28 staatsleiders vergt tact en diplomatie. Vijf, zes keer per jaar komen die rond de tafel, waar niemand iets kan doen zolang niet iedereen akkoord gaat. Ze zijn dat niet gewend. Om die bijeenkomst voor te zitten, en er iets uit te krijgen, moet je je zorgvuldig voorbereiden, voor elke meeting met iedereen meer dan een keer praten, een tekst op de tafel leggen, die aanpassen, luisteren, overtuigen, controleren, koppen bijeen steken, en in de bijeenkomst zelf het enige prerogatief gebruiken dat je hebt: de volgorde bepalen waarin leiders spreken en de manier waarop je de conclusies opsomt. Daar was Herman Van Rompuy heel goed in. Hij kwam natuurlijk uit het Belgische systeem, waar je ook moet praten met verschillende partijen in verschillende taalgebieden."

Foto's: Theo Beck

Samenleving & Politiek, Jaargang 21, 2014, nr. 8 (oktober), pagina 32 tot 40