Log in

Het 'glijdende' mandaat van Joseph Kabila

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 9 (november), pagina 67 tot 74

Hij tracht de grondwet te omzeilen, misbruikt de wet om zijn critici de mond te snoeren en dreigt de stabiliteit van een hele regio te ontwrichten. Joseph Kabila, 45 jaar en president van de Democratische Republiek Congo, is niet van plan om eind dit jaar de macht over te dragen. In deze bijdrage gaan we dieper in op de huidige crisis in Congo. Waarom zijn de verkiezingen in Congo zo belangrijk? Hoe staat Congo er nu voor? En hoe ziet de toekomst eruit? Een overzicht van een land en een regio op een keerpunt.

De eerstvolgende presidentsverkiezingen in Congo zouden op 27 november 2016 plaatsvinden. Maar dat was buiten Kabila gerekend. Op 18 oktober bereikte hij een akkoord met de oppositie, of toch het meest opportunistische deel daarvan. Hiermee lijkt Kabila zijn strategische openingszet te hebben gedaan in een eindspel met de Congolese bevolking en de internationale gemeenschap. Op 19 december 2016 loopt zijn tweede en laatste mandaat af. Toen duidelijk werd dat de presidentverkiezingen niet, zoals voorzien, op 27 november zouden plaatsvinden, braken er grote protesten uit waarbij volgens de Verenigde Naties minstens 53 mensen stierven en honderden burgers werden gearresteerd.1

Volgens het akkoord kan Kabila minstens tot april 2018 aanblijven. De belangrijkste oppositiepartijen en een groot deel van het middenveld zijn, net als de bevolking, furieus. Stilaan twijfelt niemand er nog aan: de escalerende politieke crisis brengt de stabiliteit van het land en de regio in gevaar. En de internationale gemeenschap? Die lijkt haar greep op het zich ontspinnend drama te hebben verloren.

WAAROM ZIJN DE VERKIEZINGEN IN CONGO ZO BELANGRIJK?

De presidentsverkiezingen in Congo zijn zonder meer historisch. Het zou de eerste keer zijn dat een zittend president vreedzaam de macht overdraagt na democratische verkiezingen. Het is een belangrijke test voor Congo met mogelijks verstrekkende gevolgen voor de welvaart en de stabiliteit van het land en de regio. Maar de presidenten in Centraal-Afrika lijken andere plannen te hebben. In de ganse regio klampen ze zich vast aan de macht en begaan ze daarbij zware mensenrechtenschendingen.

Om een verleden met aan de macht verknochte dictators en de daaraan verbonden gewelddadige conflicten komaf te maken, bepaalden Burundi, Congo en Rwanda bij het opstellen van hun grondwet (respectievelijk in 2003, 2005 en 2006) dat een president slechts twee ambtstermijnen kan volmaken. In Burundi en Congo kwamen die constitutionele grendels tot stand na lange vredesgesprekken die een einde maakten aan jaren van extreem geweld. Zo eiste de burgeroorlog in Burundi van 1993 tot 2005 naar schatting 300.000 levens. In Congo vielen tijdens de ‘Afrikaanse Wereldoorlog’ van 1995 tot 2003 maar liefst 5 miljoen doden. De Rwandese burgeroorlog en genocide kostte 1 miljoen mensen het leven. Een vreedzame machtswissel op het hoogste niveau moet in elk van de drie landen aantonen dat deze cyclus van geweld kan worden doorbroken.

De mandaten van Nkurunziza in Burundi (sinds 2005), Kabila in Congo (sinds 2006) en Kagame in Rwanda (sinds 2003) lopen nu af. Maar alles wijst erop dat de weigering van de Burundese president Nkurunziza in april 2015 om af te treden een gevaarlijk precedent heeft geschapen. Sinds Nkurunziza aankondigde een derde mandaat te ambiëren verkeert het land in chaos, met honderden doden en ontelbare gevallen van verdwijningen, foltering en seksueel geweld.2 Sinds het begin van de crisis zijn meer dan 300.000 Burundezen hun land ontvlucht.3 Kabila lijkt zijn voorbeeld te volgen en Kagame veranderde eind vorig jaar de grondwet wat hem toelaat om nog tot 2034 (!) aan de macht te blijven.4 De sociale onrust die voortvloeit uit de schendingen van deze grondwettelijke bepaling brengt de stabiliteit van de regio in gevaar, net als de moeizaam bekomen economische groei van de voorbije 10 jaar.

HOE STAAT CONGO ER NU VOOR?

Ongelijkheid en corruptie

Het Congolese bnp steeg van 7,4 miljard dollar in 2001 tot 35,2 miljard dollar in 2015. Dat is bijna een vervijfvoudiging. Maar die spectaculaire groei dient in perspectief geplaatst te worden. 88% van de Congolezen overleeft met minder dan 1,25 dollar per dag. In 2015 stond Congo op de 200ste plaats (van 202 landen) op vlak van inkomen per hoofd van de bevolking.5 Kijken we naar het HDI doet Congo weinig beter op plaats 176 (van 188 landen).6

De vruchten van de economische groei die Congo de voorbije jaren kende zijn bijzonder ongelijk verdeeld, mede door endemische corruptie. De Congolese staatskas is vooral afhankelijk van de exploitatie van de schijnbaar onuitputtelijke natuurlijke rijkdommen. Terwijl de overgrote meerderheid van de bevolking lijdt aan een gebrek aan basisvoorzieningen, organiseerde de Congolese staat de voorbije jaren een uitverkoop van mijnbouwactiva. Ngo’s en journalisten berekenden dat de Congolese fiscus bij een reeks verdachte mijnbouwdeals met anonieme offshorebedrijven meer dan 1,3 miljard dollar aan potentiële inkomsten misliep in de periode rond de betwiste verkiezingen van 2011. Ten minste een deel van die inkomsten verdwenen in een (illegaal) verkiezingsfonds. Een ander deel verdween in de zakken van de politieke elite. Alles wijst erop dat zich vandaag een soortgelijk scenario afspeelt.7 Politiek in Congo gaat dus ook en vooral over de controle van Congo’s enorme natuurlijke rijkdommen.

Kabila’s politieke glijbaan

Toen Kabila in 2001 op 29-jarige leeftijd president van Congo werd, slaagde hij erin om de via een vredesakkoord een einde te maken aan de bloedige oorlog in het oosten. Dit akkoord zette ook de weg in naar een nieuwe grondwet en de daaraan verbonden verkiezingen in 2006. 11.11.11 was erbij als waarnemer en zag dat de verkiezingen goed georganiseerd waren. Net als andere waarnemers beschouwden we het als ‘een overwinning voor de democratie’, waarbij Kabila overtuigend won.8

Vijf jaar later, in 2011, was 11.11.11 er opnieuw bij. We stelden vast hoe de presidentsverkiezingen gekenmerkt werden door grootschalige fraude, geweld en chaos. Kabila won, maar verloor zijn legitimiteit bij een groot deel van de bevolking. Wat in 2006 als een hoopvol begin kon worden beschouwd, begon steeds meer op een democratische nachtmerrie te lijken. De internationale gemeenschap zag er echter geen graten in en deed alsof haar neus bloedde. Toenmalig premier Elio Di Rupo stuurde zelfs felicitaties.9 Na de verkiezingen was het ‘business as usual’.

Net als in Burundi en Rwanda kwamen er de voorbij jaren steeds meer signalen dat president Kabila niet van plan is om de grondwet (die hij mee geschreven heeft) te respecteren en in 2016 de fakkel over te geven aan een opvolger. Pogingen om de grondwet en de kieswet aan te passen, mislukten echter door het verzet van de oppositie en een deel van de meerderheid en het uitbarsten van protesten waarbij verschillende doden vielen.10 Het lijkt erop dat Kabila voor een nieuwe strategie heeft gekozen: die van de ‘glissement’ of het ‘glijdende’ mandaat. Dit betekent dat de verkiezingen uitgesteld worden tot na het grondwettelijke einde van Kabila’s presidentschap (december 2016) en zijn tweede mandaat zo verlengd wordt. Hierdoor ‘glijdt’ hij een derde presidentstermijn in. En de internationale gemeenschap lijkt mee te glijden. Vandaag pleit niemand nog voor verkiezingen en een machtswissel in 2016.

In juni 2016 vormden de belangrijkste oppositiepartijen het verenigde oppositieplatform ‘Rassemblement’. Enkel het UNC van Vital Kamerhe besloot na wat aarzelen om er toch geen deel van uit te maken.11 Ook het middenveld en jongerenorganisaties mengen zich steeds meer in het politieke debat.12 Maar met het groeiende verzet van oppositie en middenveld neemt ook de repressie toe. Zo werd presidentskandidaat Moïse Katumbi vervolgd (hij leeft nu in ballingschap) en worden leden van jongerenorganisaties La Lucha en Filimbi bestempeld als terroristen en massaal gearresteerd.13

Van een politiek naar een technisch glissement

De reden voor het uitstellen van de verkiezingen zijn volgens de regering en de nationale kiescommissie (CENI) puur technisch van aard. Congo heeft geen bevolkingsregister waardoor de overheid niet weet wie er waar kan stemmen. Er moet dus een kiezerslijst opgesteld worden die toelaat kiezers te registreren om fraude te voorkomen. Volgens de nationale kiescommissie zal het minstens tot juli 2017 duren voordat de kiezerslijsten geactualiseerd kunnen worden.14

Deze technische argumenten verdoezelen de echte reden van het uitstellen van de verkiezingen. Al sinds 2013 luiden onze partners in Congo de alarmbel over de problemen met de kiezerslijsten voor de organisatie van verkiezingen in Congo. Dat dit probleem ‘opeens’ opduikt enkele maanden voor het einde Kabila’s mandaat is geen toeval. Het lijkt op een slecht verhuld excuus om de verkiezingen niet te organiseren. Het echte probleem is het gebrek aan politieke wil dat zich de voorbije jaren duidelijk gemanifesteerd heeft, zoals onder meer de chronische onderfinanciering van de CENI, de aanhoudende onduidelijkheid over de politieke plannen van Kabila, het opwerpen van talloze juridische en administratieve barrières en de toenemend repressie van oppositiepartijen, media, kritische middenveldorganisaties en activisten.

Maar Kabila volhardt: in twee sterk bekritiseerde arresten in mei en oktober dit jaar besliste het grondwettelijk hof dat Kabila aan de macht kan blijven zolang zijn opvolger niet is aangeduid én dat de CENI, om technische redenen, de verkiezingen mag uitstellen. Deze merkwaardige interpretatie van een nochtans bijzonder duidelijke grondwet doen sterk twijfelen aan de onafhankelijkheid van het hof.15

Een uitweg uit de crisis?

In september 2016 ging de politieke dialoog van start die een oplossing moest vinden voor de politieke crisis. Het UNC van Vital Kamerhe was de enige belangrijke politieke partij die aan de dialoog deelnam. De ‘Rassemblement’, het grootste deel van het middenveld, de jongerenbewegingen én de katholieke kerk (nog steeds een belangrijke speler in de Congolese samenleving) weigerden eraan deel te nemen.

Het resultaat dat op 18 oktober gepresenteerd werd, deed het middenveld en de oppositie steigeren: er werd overeengekomen dat Kabila president kan blijven na 19 december en dat Kamerhe eerste minister wordt in een ‘regering van nationale eenheid’. Verkiezingen zouden er pas in april 2018 komen. Ook werd beslist om ‘dringende maatregelen’ te nemen die de activiteiten van binnen- en buitenlandse ngo’s moeten controleren. In dezelfde verontrustende lijn werd bij het middenveld aangedrongen om ‘apolitiek’ te blijven en ‘objectieve analyses’ te maken, en zal de CENI een verplichte gedragscode opstellen voor alle actoren die betrokken zijn in het kiesproces. Wanneer men deze gedragscode niet respecteert kunnen er sancties getroffen worden.16 De repressie van kritische stemmen en het muilkorven van het middenveld en de politieke oppositie gaat dus onverminderd voort. Ze schakelt misschien zelfs een versnelling hoger.

Het akkoord rept bovendien met geen woord over de politieke toekomst van Kabila: treedt hij na 2018 af of stelt hij zich kandidaat voor een derde termijn na een grondwetswijziging? Het is bovendien niet ondenkbaar dat de ‘glissement’ in 2018 wordt verdergezet en de verkiezingen dan weer worden uitgesteld. Het akkoord van 18 oktober is meer een deal tussen Kabila en oppositieleider Kamerhe, waarbij postjes verdeeld worden en zo de ‘glissement’ afgekocht wordt, dan een breed gedragen politiek akkoord dat de spanningen en het risico op geweld vermindert.

WAT NU?

Zal er een nieuw en inclusief politiek akkoord gevonden worden tussen oppositie en meerderheid? En zal de straatarme bevolking dit aanvaarden? Of waren de rellen van 19 en 20 september slechts een voorsmaakje van wat Congo de komende maanden te wachten staat? Een worstcasescenario met massaal geweld en de implosie van nu al erg fragiele staat is niet uitgesloten. De bal ligt in het kamp van president Kabila. Het is een keuze tussen confrontatie en dialoog, tussen respect voor de grondwet en het behoud van de macht. Het middenveld zal ook een belangrijke rol spelen in het vreedzaam kanaliseren van de frustratie van de bevolking. Ze blijft, ondanks de toenemende repressie, de politieke leiders en de internationale gemeenschap op hun verantwoordelijkheid wijzen om Congo niet in chaos te laten storten. Een belangrijke vraag is hoe het leger en de presidentiële garde zullen reageren. Blijven ze Kabila’s gezag aanvaarden, wisselen ze van kamp of grijpen ze zelf de macht?

De internationale gemeenschap: verdeeld of machteloos?

De internationale gemeenschap lijkt geen greep te hebben op het ontluikende drama. Hoewel de Verenigde Naties, de Europese Unie en de Verenigde Staten financiële middelen beloofden voor de verkiezingen, stellen ze een duidelijk budget, een nieuwe kieskalender én een inclusief politiek akkoord van alle betrokken partijen als voorwaarde voor hun steun.17 Dat zit er nog niet meteen aan te komen.

Veel Congolezen hopen nu dat de Verenigde Naties een nieuwe bemiddelaar zal aanstellen om de verschillende partijen rond de tafel te brengen. Een breed gedragen politiek akkoord over een nieuwe kieskalender en de modaliteiten van een (korte) overgangsperiode tussen 19 december 2016 en de aanstelling van een nieuwe verkozen president, is wellicht de enige mogelijkheid om geweld te vermijden. De bemiddelaar zal zowel door de oppositie als door de meerderheid aanvaard moeten worden. Voormalig VN Secretaris-Generaal Kofi Annan zou in dit verband een interessante keuze zijn. Of de politieke tenoren genoeg verantwoordelijkheidszin hebben om constructief aan een dergelijke dialoog deel te nemen, valt echter nog af te wachten.

Sancties

De Verenigde Staten en de Europese Unie besloten in juni en oktober om de druk op de Congolese leiders op te voeren via individuele sancties voor diegenen die het kiesproces bederven en verantwoordelijken voor mensenrechtenschendingen.18 Ook het Internationaal Strafhof kondigde aan de situatie op de voet te volgen. Maar Den Haag zit met een gigantisch probleem: de Afrikaanse Unie stelt zich steeds vijandiger op tegenover het Strafhof. In oktober besloten Burundi, Zuid-Afrika en Gambia, op amper een week tijd, zich terug te trekken uit het hof.19 Het is niet uitgesloten dat Congo hen daarin volgt. Concreet betekent die terugtrekking dat de kans op berechting voor misdaden tegen de mensheid en oorlogsmisdaden bijzonder klein wordt. Het valt af te wachten welke impact dit nieuwe gevoel van straffeloosheid zal hebben op de regio, en in Congo in het bijzonder.

Ontwikkelingssamenwerking

Naast diplomatieke bemiddeling en individuele sancties voor spoilers van het kiesproces heeft de internationale gemeenschap ook nog haar ontwikkelingssamenwerking als mogelijk drukkingsmiddel. De stopzetting van hulp is steeds een belangrijk diplomatiek/politiek signaal. Maar ontwikkelingssamenwerking is slechts goed voor 8,2% van de staatsinkomsten.20 De impact van het opschorten of stopzetten van de ontwikkelingssamenwerking kan dus mogelijks te beperkt zijn om de politieke berekeningen van de huidige machthebbers fundamenteel te veranderen en de druk echt op te voeren. Bovendien stelt zich het risico dat de bevolking door een dergelijke maatregel disproportioneel geraakt wordt, en dat is wel het laatste wat de straatarme Congolezen vandaag nodig hebben.

Rol van de VN-vredesmacht MONUSCO

Een laatste, drastisch drukkingsmiddel is het fysiek beschermen van burgers om de vrede te bewaren. Peacekeeping dus. Daar lijkt vooral de MONUSCO een centrale rol in te spelen. Zo zou het eventueel geweld kunnen stoppen, burgers, activisten, politici en mensenrechtenverdedigers actief beschermen, betogingen toelaten en in goede banen leiden, enzovoort. Maar MONUSCO gaf al verschillende malen aan dat ze noch over het mandaat, noch over voldoende middelen beschikt om effectief in te grijpen indien de situatie echt escaleert en er massaal geweld uitbreekt. Sommigen twijfelen daaraan. De duurste en grootste VN-vredesmissie uit de geschiedenis met een mandaat dat expliciet de toelating geeft om burgers bij geweld in het kader van de verkiezingen te beschermen, moet bereid zijn om te doen wat de wereld van haar verwacht.21 Het falen van VN-vredesmissies in de regio heeft al eerder tot humanitaire drama’s geleid en behoeft geenszins herhaald te worden.

CONCLUSIE

Democratie is vallen en opstaan. Het kan niet van buitenaf opgelegd worden maar moet van binnenuit afgedwongen worden. Democratie moet ook groeien. Het is naïef om te denken dat een presidentswissel meteen alle structurele problemen van Congo zal oplossen. Maar een vreedzame machtswissel op het hoogste niveau kan wel het vertrouwen in de toekomst herstellen. Het kan aantonen dat de stem van het volk telt en dat leiders ter verantwoording kunnen worden geroepen. Dat een grondwet rechten en plichten bepaalt die gelden voor iedereen, en dat ook zij met macht en geld zich daaraan te houden hebben. En dat Congo een einde kan maken aan haar geschiedenis van bloedige machtswissels waar telkens duizenden, soms miljoenen burgers voor moeten sterven.

Niemand weet wat er zal gebeuren na 19 december, de laatste dag van Kabila’s tweede en laatste presidentsmandaat. Het is nog niet te laat om de ‘glissement’ te doen keren, maar dan moet er wel dringend een politiek compromis gevonden worden vóór de situatie echt uit de hand loopt. Het middenveld blijft, ondanks de repressie, de druk op de politieke leiders hoog houden. Daarnaast moet ook de internationale gemeenschap alles op alles zetten om dit mogelijk te maken. Diplomatieke demarches, individuele sancties die de druk opvoeren, technische en financiële ondersteuning van de CENI, en een correcte interpretatie van het mandaat van de MONUSCO die het mogelijk maakt om in te grijpen als de situatie escaleert zijn vandaag meer dan ooit nodig.

Mo Ibrahim, een van de rijkste mannen van Afrika, reikt sinds 2006 een prijs uit aan Afrikaanse presidenten die vreedzaam de macht overdragen na democratische verkiezingen. Winnaars krijgen een cheque van 5 miljoen dollar en daarna jaarlijks 200.000 dollar, levenslang. Sinds 2006 zijn er slechts 4 winnaars geweest.22 Kabila moet vertrekken op 19 december. Naast de dankbaarheid van de Congolezen, de internationale gemeenschap en de veiligheid van een half continent, wint hij er misschien een prijs mee.

Bogdan Vanden Berghe en Pieter-Jan Hamels
Respectievelijk directeur en beleidsmedewerker Centraal-Afrika bij 11.11.11

Noten
1/ ‘Rapport préliminaire d’enquête sur les violations des droits de l’homme et violences perpétrées dans le cadre des manifestations de Kinshasa entre les 19 et 21 septembre 2016’, BCNUDH, 21 oktober 2016. Zie ook http://www.ohchr.org/EN/NewsEvents/Pages/DisplayNews.apx?NewsID=20592&LangID=E.
2/ Zie ‘Final report of the mission of independent experts to Burundi’, A/HRC/33/37, 20 September 2016. http://www.ohchr.org/EN/HRBodies/HRC/RegularSessions/Session33/Documents/A\_HRC\_33\_37\_E\_AUV\_.docx.
3/ http://www.unhcr.org/news/briefing/2016/9/57e4ef194/
300000-burundians-fled-stretched-neighbouring-countries.html.
4/ https://www.theguardian.com/world/2016/jan/01/rwanda-paul-kagame-third-term-office-constitutional-changes.
5/ Cijfers Wereldbank: http://data.worldbank.org/indicator/NY.GDP.PCAP.PP.CD?year\_high\_desc=false.
6/ ‘Human Development Report 2015: Work for Human Development’, UNDP, New York, 2015, pp. 47-50.
7/ Zie ‘Out of Africa: British offshore secrecy and Congo’s missing $1.5 billion’, Global Witness , Londen, mei 2016. https://www.globalwitness.org/en/reports/out-of-africa/.
8/ http://www.11.be/artikels/item/telling-van-de-resultaten-van-de-congolese-presidentsverkiezingen-integer.
9/ http://www.11.be/onze-thema-s/archief/item/belgische-felicitaties-om-kabila-te-legitimeren.
10/ https://www.hrw.org/news/2015/01/24/dr-congo-deadly-crackdown-protests.
11/http://www.radiookapi.net/2016/07/20/emissions/linvite-du-jour/jean-bertrand-ewanga-lunc-participera-au-dialogue-qui-tienne.
12/ Voor een goede analyse van de rol van het middenveld en jongerenbewegingen in de Congolese politiek, zie ‘Boulevard of Broken Dreams: The "Street" and Politics in DR Congo’, BRIEFING nr. 123/AFRICA, International Crisis Group, 13/102016.
13/ https://www.hrw.org/fr/news/2016/08/19/le-gouvernement-de-la-rd-congo-annonce-que-quatre-activistes-seront-liberes.
14/ http://www.rfi.fr/afrique/20161001-dialogue-rdc-ceni-prevoit-convocation-electeurs-novembre-2017.
15/ http://www.rfi.fr/emission/20160512-une-kabila-conforte-cour-constitutionnelle-rdc.
http://www.rfi.fr/afrique/20161017-rdc-cour-constitutionnelle-autorise-ceni-reporter-elections-calendrier
.
16/ ‘Accord politique pour l’organisation d’élections apaisées, crédibles et transparentes en République Démocratique du Congo’, oktober 2016.
17/ Voor de Europese Unie: ‘Conclusies van de Europese Raad van Buitenlandministers’, Press release 582/16, 17 oktober 2016. http://www.consilium.europa.eu/en/press/press-releases/2016/10/17-fac-drc-conclusions/.
Voor de Verenigde Staten: ‘Political and Security Situation in the Democratic Republic of the Congo’, Press release US Embassy, 19 oktober 2016. https://kinshasa.usembassy.gov/pressrelease101916.html.
Voor de Verenigde Naties: https://monusco.unmissions.org/en/un-secretary-general-takes-note-conclusion-national-dialogue-democratic-republic-congo-drc.
18/ ‘Treasury Sanctions Two Individuals for Threatening the Stability of and Undermining Democratic Processes in The Democratic Republic of the Congo’, 28 september 2016. https://www.treasury.gov/press-center/press-releases/Pages/jl0560.aspx ; ‘Conclusies van de Europese Raad van Buitenlandministers’, Press release 582/16, 17 oktober 2016.http://www.consilium.europa.eu/en/press/press-releases/2016/10/17-fac-drc-conclusions/.
19/ ‘President of the Assembly regrets withdrawal of any State Party from the Rome Statute and reaffirms the Court’s fight against impunity’, Press Release International Criminal Court, ICC-CPI-20161021-PR1248, 22 oktober 2016. https://www.icc-cpi.int//Pages/item.aspx?name=pr1248 http://www.reuters.com/article/us-gambia-icc-idUSKCN12P335?il=0.
20/ Cijfers OECD voor 2014: http://www.oecd.org/dac/stats
21/ S/RES/2277 (2016), par. 35.1.a.
22/ http://mo.ibrahim.foundation/prize/.

Samenleving & Politiek, Jaargang 23, 2016, nr. 9 (november), pagina 67 tot 74