Log in
Interview

Guy Standing

‘Jobs, jobs, jobs is geen progressief project’

De gele hesjes zijn voor Guy Standing een teken dat het precariaat ontwaakt als klasse. De Britse econoom hoopt dat het protest zal zorgen voor een beter begrip van wat het precariaat precies wil. "Denken dat geluk voor die klasse uit jobs zal komen, is madness".

Guy Standing is een Britse econoom maar woont in Zwitserland, een gevolg van een carrière van meer dan 30 jaar bij de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO). Als we zijn reisschema voor de volgende dagen horen, lijkt dat echter slechts een slaapplek. Standing adviseert schaduwministers van de Britse Labourpartij, spreekt op het World Economic Forum in Davos, is te gast bij de gesloten Bilderberggroep en reist Europa rond om zijn boeken te promoten. In 2017 schreef hij Basic Income. And how we can make it happen. Volgende zomer staat een volgend boek gepland: Plunder of the Commons. A Manifesto for Sharing Public Wealth. Dat had heel wat voeten in de aarde. "Drie maanden heb ik onderhandeld met de uitgever. Men hield niet van de titel. Mensen zouden niet weten wat commons zijn en ook het woord 'plunderen' vonden ze te sterk. Fucking bullshit, natuurlijk." Guy Standing is ondertussen 70, maar hij staat duidelijk nog op scherp. Hij is bevlogen, maar een tikkeltje grofgebekt. De fuck's vliegen in het rond als we hem spreken tijdens zijn passage in Gent, net voor hij moet optreden op het Festival van de Gelijkheid.

Echt bekend werd Guy Standing natuurlijk van zijn boeken The Precariat. The New Dangerous Class (2011) en The Precariat Charter. From Denizens to Citizens (2014). Hij beschreef er het precariaat als een class-in-the making; een voorspelling die zich vandaag met de gele hesjes lijkt te voltrekken. De energie waarmee Guy Standing spreekt, lijkt wel symbool te staan voor de kwaadheid op de straten. "Mocht ik in Frankrijk wonen, ik had ook een geel hesje aangetrokken." Voor Standing is dit niet de revolte van een middenklasse die het steeds moeilijker heeft maar wel de bewustwording van het precariaat als klasse, die in alle ontwikkelde landen ondertussen miljoenen leden telt.

In welk opzicht verschilt het precariaat van het proletariaat?

"Het proletariaat werkte in stabiele, voltijdse arbeid. Op de werkplaats werd men uitgebuit, maar binnen de staat bouwde men rechten op door de strijd van vakbonden en arbeiderspartijen. Het precariaat, daarentegen, is veroordeeld tot onstabiele arbeid. Het wordt zowel binnen als buiten de arbeidstijd uitgebuit. In tegenstelling tot het proletariaat, heeft het precariaat geen beroepsidentiteit. De ene week ober, de andere week pakjesbezorger. Vaak weet men niet wie de werkgever is; dat kan evengoed een platform zijn dat gevestigd is in de VS. Ook is het niveau van scholing bij het precariaat vaak hoger dan vereist voor de job, terwijl het proletariaat nauwelijks scholing nodig had voor de job die het uitoefende. Mensen uit het precariaat lijden vaak aan statusfrustratie."

Wellicht niet enkel statusfrustratie, toch ook gewoon frustratie over hun inkomen?

"Het precariaat steunt bijna uitsluitend op geldinkomen. Het heeft geen recht op betaalde vakantie, bonussen, ziekteverlof of pensioenen; iets waar de klasse boven hem, het salariaat, wel recht op heeft. Het precariaat heeft geen toegang tot extra bedrijfsvoordelen, maar ook geen rechtengebaseerde staatvoordelen. De voorbije decennia is elk OESO-land immers gekanteld naar middelen- en gedragstoetsing."

Als je je niet bijdraagt aan het systeem, krijg je er niets van terug.

"Klopt. Maar er is meer. Niet alleen hangt het precariaat uitsluitend af van geldlonen; die geldlonen zijn over heel Europa dan nog eens in waarde gedaald. Minder koopkracht dus. Het inkomen is ook erg volatiel. Men weet niet hoe hoog het de volgende maand zal zijn. Dat maakt dat men gaat lenen. Dat is nog een kenmerk van het precariaat: het leeft continu op de rand van niet-duurzame schuld."

Is het precariaat de voorbije jaren gegroeid?

"Dat is moeilijk te becijferen aangezien arbeidsmarktdata niet voldoen, maar gezien een aantal structurele veranderingen zou het mij verbazen mocht het precariaat niet razendsnel groeien. Volgens mijn schatting spreken we in West-Europa ondertussen over 40% van de beroepsgeschikte bevolking."

In welke mate is de opmars van precaire arbeid het directe gevolg van overheidsmaatregelen die…

"(onderbreekt) 'Precaire arbeid' is een term die ik nooit gebruik. De notie van het precariaat gaat voor mij terug op de Latijnse betekenis van het woord: 'te verkrijgen door gebed'. Je bent een smekeling. Je vraagt om een gunst bij ouders, kennissen of werkgevers. Dat zorgt voor onzekerheid. Het voelt als lopen in drijfzand. Voor het proletariaat is de antagonist de kapitalistische baas, maar voor het precariaat is dat de staat. Een bureaucraat ontneemt jouw uitkering en daar valt niets aan te doen. Er is geen vakbond die je beschermt."

Dit is wat u 'het einde van het sociaaldemocratisch tijdperk' noemt?

"Precies. Het sociaaldemocratisch project van de vorige eeuw was extreem progressief, maar vandaag is het regressief en in wezen dood."

Waarom identificeert het precariaat zich niet met sociaaldemocraten?

"Ze staan voor een samenleving waar iedereen een stabiele, voltijdse jobs heeft, jaar na jaar vooruitgaat en op het einde van de loopbaan een gouden horloge krijgt. (Roept luid) Fuck off! Dat heeft niets te maken met de realiteit van het precariaat. Jobs, jobs, jobs is geen progressief project."

Wat is er mis om iedereen aan het werk te willen krijgen?

"Aan het werk zijn, betekent in een positie van onderdanigheid zitten. Niemand droomt er van te rapporteren aan een app. Denken dat voor het precariaat geluk uit jobs zal komen, is madness."

Is uw visie op jobs niet te negatief? Veel mensen halen er zingeving uit.

"Vraag aan mensen wat ze van hun job vinden en de meesten zullen zeggen dat ze maar wat graag hun job niet zouden moeten doen. Zelfs hoogopgeleiden. De Amerikaanse antropoloog, en mijn goede vriend, David Graeber bedacht daarvoor een prachtige term: bullshit jobs."

Hoe moet een progressieve visie op arbeid er wel uitzien?

"(plots mild) Ik snap natuurlijk wel waarom sociaaldemocraten pleiten voor meer jobs. Ik zeg ook niet dat we zonder kunnen. Enkel dat we een agenda nodig hebben die niet alles op jobs, jobs, jobs inzet. Over verschillende vormen van arbeid die niet in jobs zitten, hebben sociaaldemocraten nauwelijks een uitgesproken visie. Voor mij moet elke progressieve visie een antwoord bieden op twee metazekerheden: een basisinkomenszekerheid en een collectieve stem."

U bent erg kritisch voor vakbonden. Wat verwijt u hen?

"Waar te beginnen? (lacht) Ze werden defensief, ze zijn seksistisch en als ze moeten kiezen tussen jobs of ecologie kiezen ze altijd voor het eerste. Als ik op een lezing bij het precariaat de zaal kwaad wil maken, praat ik over de vakbonden. Fuck off, hoor ik dan, ze zijn er niet voor ons. En men heeft gelijk.

Veel progressieven nemen me mijn kritiek op vakbonden kwalijk. In deze neoliberale tijden zouden we ze niet mogen bekritiseren. Ik voel me totaal niet aangesproken. Heel mijn leven ben ik een vakbondsman geweest. Toen ik aan de slag was bij de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO) betaalde ik professioneel een zware prijs door ze zo fel te verdedigen. Maar vakbonden verloren onderweg hun progressieve agenda."

Hoe moeten de vakbonden van de toekomst er uitzien?

"Ook in kwesties die het precariaat aanbelangen moeten de vakbonden het voortouw nemen. Dat doen ze niet. Toen werd beslist over een derde startbaan op Heathrow Airport, kozen de vakbonden voor de jobs en niet voor de leefkwaliteit van de omwonenden. Terwijl gezonde lucht, net als publieke ruimtes en openbare parken centraal staan op de agenda van het precariaat. Vakbonden moeten vervellen tot instanties die de hele samenleving verdedigen, niet enkel de eigen betalende leden. Over het behoud van de commons hoor je ze echter nauwelijks. Net zomin als over het basisinkomen."

U bent medeoprichter van BIEN, het Basic Income Earth Network, en voorstander van het eerste uur van een basisinkomen.

"Het draagvlak groeit met de dag. Onlangs sprak ook John McDonnell, schaduwminister voor Labour en één van de ideologen in het Corbyn-team, er zich openlijk over uit. Niet moeilijk. Ik ben dan ook één van zijn adviseurs (lacht).

Zopas werkte ik een rapport af voor Labour, over hoe de partij een vorm van basisinkomen zou kunnen lanceren mocht ze aan de macht komen. Daarin stel ik dat we acht reuzen moeten doden. Ik haal mijn inspiratie uit het Beveridge-rapport van 1942, dat de basis vormde voor het Britse zorgsysteem en dat het beeld gebruikte van vijf reuzen die moesten worden gedood bij de naoorlogse reconstructie: behoefte, ziekte, onwetendheid, armzaligheid en nutteloosheid. In dat rapport stond dat het tijd was voor revolutie, niet voor oplapwerk. Vandaag staan we voor een soortgelijk moment."

U stelt dat we acht reuzen moeten doden. Dat zijn er drie meer.

"Ik wil me op geen enkele manier vergelijken met William Beveridge, een groot man, maar ik zie acht reuzen die progressieven moeten doden en waarvoor ze een strategie moeten ontwikkelen: ongelijkheid, onzekerheid, schuld, stress, precariteit, robotisering en vernietiging."

Dat laatste – vernietiging – is misschien nog de meest radicale uitdaging.

"Absoluut. De ecologische catastrofe komt in een rotvaart op ons af. Tenzij we dramatisch reageren, our kids will be fucked. Een radicale aanpak is nodig. Voor het doden van al deze reuzen hebben we een vorm van basisinkomen nodig. Het is geen mirakeloplossing, maar het moet wel essentieel deel uitmaken van het totaalpakket."

Als ik goed heb geteld, heeft u zeven reuzen opgesomd. Geen acht.

"De achtste reus die we moeten doden, komt voort uit de zeven andere reuzen: het populisme. Op de eerste pagina van mijn boek The Corruption of Capitalism. Why Rentiers Thrive and Work Does Not Pay (2016) schreef ik dat we niet verbaasd moeten zijn als er een monster opduikt. In november van dat jaar werd Donald Trump verkozen tot president van de Verenigde Staten. Veel lezers mailden me: your monster has arrived."

Heeft het precariaat Donald Trump verkozen?

"Een deel van het precariaat alleszins wel."

Wat bedoelt u?

"Het precariaat is geen homogeen blok. Het bestaat uit drie facties. Er zijn de Atavisten die uit het proletariaat zijn gevallen. Ze komen uit traditionele arbeidersgezinnen, en zijn veelal ouder en weinig geschoold. Zij stemmen op Donald Trump, Vladimir Poetin, Viktor Orbán en Marine Le Pen. Ze zijn verbitterd en geven de Andere de schuld van hun beroofde Verleden. Daarnaast zijn er de Nostalgici, voornamelijk migranten en minderheden. Zij voelen zich beroofd van hun Heden. Ze houden hun hoofd laag en proberen van dag tot dag te overleven. Vooralsnog stemmen ze niet op radicaal-rechtse populisten. En dan zijn er nog de Progressieven, veelal hoogopgeleide jongeren. Tijdens hun studies werd hen voorgehouden op een dag tot het salariaat te behoren, maar dat blijkt niet zo te zijn. Ze zijn beroofd van hun Toekomst.

Het zijn ook de Atavisten die Leave stemden bij het Brexit-referendum. De Progressieven bleven thuis: David Cameron of Leave, dat was kiezen tussen de pest en de cholera. Bij een tweede referendum zouden ze wel opdagen, en zou Remain het wellicht nipt halen."

Wat heeft u gestemd?

"Ik woon in Zwitserland en mocht niet stemmen. Maar ik zou Remain gestemd hebben. Ik ben zeer kritisch over de Europese Unie. Het is een neoliberaal project. Maar het is beter om Europa van binnenuit te proberen veranderen, dan te vertrekken en te pruilen. Dat was ook de boodschap die ik onlangs gaf op een lezing in Stoke-on-Trent, de bakermat van de Industriële Revolutie en de plek met het hoogste percentage Leave-stemmen in heel het Verenigd Koninkrijk. (knipoogt) Op het einde van de avond had ik de zaal van 600 man helemaal mee. Hen overtuigen is dus wel degelijk mogelijk."

Vallen die drie facties binnen het precariaat wel achter een gezamenlijke agenda te scharen?

"Ook dat is mogelijk, maar enkel met wat ik Politics of paradise noem. Een hoopvolle agenda rond inkomenszekerheid en commons heeft het potentieel om de Atavisten terug te halen uit het rechts-populistische kamp en kan ook de Nostalgici en Progressieven aanspreken."

Is voor echte politieke verandering geen alliantie met het salariaat nodig?

"Het salariaat identificeert zich met het precariaat via zijn kinderen. Veel ouders vrezen dat hun kinderen in de toekomst uit het salariaat zullen vallen. Een alliantie tussen beide klassen is dus zeker mogelijk. Ook het verhaal over de commons kan het salariaat, een klasse met sterke morele waarden, aanspreken. Het staat open voor een agenda die publieke middelen en ruimtes wil terugwinnen. Zelfs een deel van de elite staat open voor die boodschap; al was het maar uit zelfbehoud.

Het precariaat wordt stilaan een gevaarlijke klasse voor de bestaande orde. Kijk naar de gele hesjes in Frankrijk. Het is opmerkelijk wat ze op zo'n korte tijd hebben afgedwongen. Emmanuel Macron liep een flinke bloedneus op. Hopelijk leidt het protest van de gele hesjes tot een beter begrip van wat het precariaat wil."

Heeft Emmanuel Macron dat nu wel begrepen?

"Helaas niet, neen. Zijn reactie was die van een old school sociaaldemocraat. Een verhoging van de minimuminkomens, een belastingvrijstelling voor de lage pensioenen,… het zijn maatregelen die structureel niets oplossen. Onlangs bracht ik een hele avond door met Benoît Hamon, de vorige presidentskandidaat voor de Franse PS. Hij beseft wel wat het precariaat wil. Maar hij lag in 2017 natuurlijk al dood in het water nog voor de verkiezingscampagne begon.

De gevestigde orde begrijpt nog steeds niet wat het precariaat precies is. Dat is de reden waarom men mij uitnodigt op het World Economic Forum in Davos of in de gesloten Bilderberggroep. Niet omdat men zich kan vinden in mijn voorstellen, maar omdat men het fenomeen wil begrijpen."

Hoe verklaart u de felheid van de protesten van de gele hesjes?

"Omdat het beleid een fucking schande is. (fel) Mocht ik in Frankrijk wonen, ik had ook een geel hesje aangetrokken. De arbeidsmarkthervormingen van Emmanuel Macron hebben de onzekerheid voor het precariaat alleen maar vergroot. En ook de ecotaksen komen vooral op zijn schouders terecht."

Kunnen we het klimaat redden zonder ecotaksen?

"Neen. Ecotaksen op diesel en energie zijn nodig. Ze mogen zelfs hoog zijn. Maar aangezien ecotaksen armen veel harder treffen dan rijken, moeten ze worden gecombineerd met sociale dividenden die aan iedereen worden uitbetaald. Dat deed Justin Trudeau in Canada wel. Hij voerde nog hogere brandstoftaksen in dan Emmanuel Macron, maar herverdeelde de opbrengsten ervan onder alle burgers. Een soort van basisinkomen dus. Ik geloof dat deze crisis ongelooflijk waardevol zal zijn om het basisinkomen te legitimeren."

Voorlopig stemt een groot deel van het precariaat nog met de voeten op populisten.

"Dat komt omdat de Atavisten nog de hoofdmoot uitmaken van het precariaat. Dat zal in de toekomst veranderen. Hun grootte heeft waarschijnlijk een hoogtepunt bereikt. Het aantal Nostalgici en Progressieven binnen het precariaat groeit elke dag. Het goede nieuws is dat vooral die laatste groep zich politiek begint te organiseren. Ze richt zich op nieuwe bewegingen die hun onzekerheden en ambities omarmen en verwoorden."

Vooralsnog hebben die nieuwe bewegingen de oude politiek nog niet vervangen.

"Dat heeft tijd nodig. In de woorden van Antonio Gramsci: de oude wereld sterft af en de nieuwe wereld is nog niet klaar om geboren te worden.

Elke transformatie kent drie fases. De gebeurtenissen van 2011 en 2012, met de Occupy- en de Indignado-beweging en de Arabische Lente, was de eerste fase: de strijd om erkenning. Wij bestaan. Wij zijn een collectief. We zijn het precariaat. Die fase is historisch snel gegaan. De opkomst van het proletariaat nam 30 à 50 jaar; bij het precariaat slechts enkele jaren. De tweede fase is de strijd voor vertegenwoordiging. Er ontstaan nieuwe bewegingen, leiders, woorden en beelden. Die fase is nog niet helemaal achter de rug. Ook dat ging razendsnel. Podemos in Spanje en de Vijfsterrenbeweging in Italië doken vanuit het niets op. Ze bezitten goede en slechte elementen, maar hebben één ding gemeen: ze breken radicaal met het verleden. Vandaag zitten we in het begin van de derde fase. Daarom ben ik zo opgewonden. Het is de strijd om de herverdeling."

Wat moet precies herverdeeld?

"In de 20e eeuw was dat duidelijk: de strijd ging over het in handen nemen van de productiemiddelen. Dat is voorbij. De productiemiddelen van het precariaat zitten vaak in zijn laptop. Ik zie zes strijdpunten, waarrond progressieven een agenda moeten bouwen.

Allereerst de herverdeling van zekerheid. De ongelijkheid van zekerheid is nog groter dan die van inkomen. In het salariaat heb je totale zekerheid. Als je ziek wordt, is dat geen probleem. Het precariaat heeft die zekerheid niet. Niet werken betekent niet verdienen.

Ook tijd moet worden herverdeeld. Het salariaat heeft koffiepauzes, betaalde vakanties en ouderschapsverloven. Het heeft totale controle over zijn tijd. Het precariaat krijgt 's morgens een bericht dat het over twee uur moet beginnen werken.

De toegang tot kwalitatieve ruimte is ook ongelijk verdeeld. Het salariaat trekt zich terug in zijn tuinen of zelfs buitenverblijven. Voor het precariaat zijn er enkel publieke ruimtes en parken.

Onderwijs is nog een strijdpunt. Het salariaat studeert filosofie aan goede universiteiten. Het precariaat moet worden voorbereid op jobs en volgt best bedrijfsstudies.

De herverdeling van financiële kennis is ook cruciaal. Het salariaat wint advies in en belegt zijn geld. Het financieel ongeletterde precariaat hangt vast aan kortetermijnleningen met torenhoge rentes.

Ten slotte is een drastische herverdeling van huurinkomsten nodig, om de financiële ongelijkheid aan te pakken.

Zijn dat de bouwstenen van een aantrekkelijk verhaal voor het precariaat?

"Leg die zes strijdpunten voor op een bijeenkomst van het precariaat en je hebt de hele zaal mee. Waar wachten progressieven op?"

Samenleving & Politiek, Jaargang 26, 2019, nr. 1 (januari), pagina 4 tot 11