Log in

Klimaatverandering? Det är en uppfinning!

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 8 (oktober), pagina 24 tot 27

Zweden heeft een goede reputatie inzake milieubeleid als vluchtelingenaanpak, maar de voorbije jaren is een bijzondere coalitie ontstaan tussen diegenen die klimaatverandering ontkennen en de extreemrechtse partij Zweden Democraten in de Riksdag. 'Klimaatverandering? Det är en uppfinning!' Dat is een uitvinding van de (linkse) elite.

DE VELE GEDAANTES VAN EXTREEMRECHTS

De stille invoering van het 70-puntenplan
Alexis Deswaef
Welkom in het tijdperk van het globale nationalisme
Ico Maly
Hoe kan het verder met de man?
Celia Ledoux
Klimaatverandering? Det är en uppfinning!
Martin Hultman
Zijn extreemrechts en extreemlinks even erg?
Vincent Scheltiens

Al dertig jaar staat de klimaatverandering op de politieke agenda en het bewustzijn over de impact van de mens op het klimaat bestaat zelfs al meer dan vijf decennia. Toch staan we vandaag verder dan ooit van een oplossing. In de jaren 1980 was er nog een sterke milieubeweging, bestond een zekere politieke consensus en stonden sociaaldemocraten in de frontlinie om de kwestie aan te pakken. Dat is vandaag anders. In de afgelopen jaren horen we steeds meer stemmen die de klimaatverandering, en meer bepaald de impact van de mens, ontkennen. In Zweden zit er met de Zweden Democraten zelfs een grote politieke fractie in de Riksdag die deze stroming vertegenwoordigt. Alarmerende berichten uit het 'gidsland' Zweden.

ZWEDEN DEMOCRATEN IN DE RIKSDAG

Bij de verkiezingen van 9 september werd Zweden Democraten de op twee na grootste politieke kracht in de Riksdag. Zweden Democraten is een nationalistische, sociaal-conservatieve partij met wortels in het nazisme. De partij ontstond in 1986 na een fusie van de partij 'Preserve Sweden Swedish' en de 'Progress Party'. In 2010 haalde Zweden Democraten voor het eerst de kiesdrempel met 5,7% van de stemmen, goed voor 20 zetels in het parlement. In 2014 sprong ze met 12,8% naar 49 zetels; en in september van dit jaar haalde ze met 17,5% maar liefst 62 zetels binnen.

In Zweden staat de klimaatproblematiek altijd hoog op de agenda, en dat was in de verkiezingscampagne van dit jaar niet anders. Ook Zweden Democraten profileerde zich op het thema. Al sinds haar ontstaan legt ze de nadruk op de bescherming van de Zweedse landschappen en op de gezondheid van de Zweden en hun dieren, in de lijn van haar nazi-ideologie. Maar sinds een paar jaar komt daar ook de ontkenning van de klimaatopwarming bij. Zweden Democraten sluit zich daarmee aan bij anderen rechts-nationalistische partij in Europa - zoals UKIP in het Verenigd Koninkrijk, FN in Frankrijk, Deense Volkspartij in Denemarken en PVV in Nederland - die zich steeds vaker profileren op het thema van de klimaatverandering. Ook Zweden Democraten laat zich sinds kort erg kritisch uit over de klimaatverandering. Ze wordt daarbij ondersteund door de oude, machtige mannen van het media-agentschap Stockholm Initiative. Favoriete schietschijf in het parlement is de Groene partij, die als elitair en de 'favoriet van de media' wordt neergezet. Maar ook wetenschappers neemt ze in het vizier.

Op 29 januari 2013 verklaarde Josef Fransson, klimaatwoordvoerder van Zweden Democraten, voor het eerst open en bloot in het parlement dat 'veel mensen ervan overtuigd zijn dat de apocalyptische klimaatscenario's onjuist zijn'. Hij omschreef de Groene Partij als zijn 'grootste tegenstander' en noemde haar een 'communistische nachtmerrie'. Fransson was in zijn speech sarcastisch over onderzoekers, mensenrechtenorganisaties en politici die 'een lucratieve carrière bouwden op de opwarming van de aarde'. Hij pleitte ervoor om al het geld van het energiebeleid in te zetten op kernenergie en noemde de Zweedse Board of Agriculture een 'veganistische beweging' omdat ze wijst op de klimaatimpact van vleesconsumptie.

Deze parlementaire speech van Josef Fransson was een kantelmoment. Het was de start van een retorisch patroon van Zweden Democraten, waar ze zichzelf voorstelt als de partij van het volk die het tegen de valse elites opneemt en waar de klassieke argumenten bij het ontkennen van de klimaatopwarming aan bod komen: er is geen overeenstemming over de bewijslast, het valt wel mee met de uitstoot in Zweden, het zijn hebzuchtige wetenschappers die studies opleveren tegen betaling, enzovoort. Nog een weerkerend argumenten is dat er 'veel belangrijkere sociale kwesties zijn om geld aan uit te geven' en dat de klimaatproblematiek 'een samenzwering is van de linkse elite die een socialistisch geplande economie wil invoeren'.

Als partijwoordvoerder inzake klimaat is Fransson een belangrijke stem in het publieke debat. In 2014 schreef hij in het webmagazine News 24 dat klimaatmodellen 'nutteloos' zijn en dat het IPCC-rapport 2014 van het VN-klimaatpanel'conclusies presenteert die niet worden ondersteund door onderzoek'. In de aanloop naar de Klimaatconferentie 2015 van Parijs liet hij op Twitter weten dat de conferentie 'lichtzinnig' was en maakte hij een YouTube-clip met Richard Lindzen, notoir klimaatontkenner die verbonden is aan het Cato-instituut dat wordt gefinancierd door Koch Industries. Ook beweerde hij in het tijdschrift KIT dat er 'de afgelopen 17-18 jaar geen significante opwarming is geweest'. In een artikel in het najaar van 2015 beweerde hij dan weer dat de hogere niveaus van koolstofdioxide een zegen waren omdat 'de bodem groener en gewassen groter worden door de toegenomen koolstofdioxide'.

De standpunten van Fransson zijn ondertussen algemeen aanvaard onder de parlementsleden van Zweden Democraten. Vanaf 2016 verschijnen steeds meer opiniestukken van de hand van politici van Zweden Democraten die de klimaatverandering in twijfel trekken. Maar we zien het ook in de daden van de partij. In oktober 2016 stemde Zweden Democraten – als enige partij – tegen de ratificatie van de Overeenkomst van Parijs. In diezelfde maand presenteerde Zweden Democraten haar begrotingsvoorstel voor 2017, waarin de klimaatproblematiek slechts een halve pagina kreeg en het woord 'klimaat' telkens tussen aanhalingstekens stond. In datzelfde begrotingsvoorstel beschrijft Zweden Democraten het klimaatdebat als 'raar' en wil ze de financiering van het Zweedse klimaat- en meteorologisch bestuur (SMHI) verminderen omdat die 'de ernst van de klimaatverandering overdrijft'. In haar begrotingsvoorstel van het jaar nadien gaat Zweden Democraten nog een stap verder en stelt ze voor om de klimaatgerelateerde inspanningen te verminderen met 8 miljard Zweedse kroon (omgerekend zo'n 770 miljoen euro). In de herfst van 2016 reikte een coalitie van extreemrechtse partijen in Europa, waaronder UKIP en AfD, de prestigieuze European Freedom Awards-prijs uit aan Václav Klaus in een ceremonie in Stockholm, georganiseerd door Zweden Democraten. Václav Klaus is voormalig president van Tsjechië en ontpopte zich de voorbije jaren tot een virulente ontkenner van de klimaatverandering. Hij is het perfecte symbool voor het verbond tussen diegenen die de opwarming van het klimaat ontkennen en extreemrechts.

HET INDUSTRIËLE KOSTWINNERMODEL

Het klimaatdiscours van Zweden Democraten draait rond het zaaien van twijfel. Het actiemiddel is polarisatie. Vooral met de Groene Partij, die wordt weggezet als 'linkse elite', maar ook met onderzoekers die 'wetenschappelijk bewijs verdraaien en mensen misleiden, omwille van hun persoonlijke interesses'. Zweden Democraten plaatst emotionele standpunten tegenover wetenschappelijke argumenten.

Tegelijk zien we een bijzondere alliantie tussen een arbeidersklasse van voornamelijk mannen en een industriële, oude elite van – eveneens – mannen. Ze kijken met dezelfde ideologische bril naar de wereld en vinden elkaar in hun nostalgie naar het industriële kostwinnermodel. Beide groepen willen geen afscheid nemen van het Fordistische model van vroeger, dat vandaag grotendeels is verdwenen maar dat beide groepen decennialang goed heeft bediend, zij het ten koste van het klimaat. Beide groepen geven hun identiteit vorm binnen de natiestaat. Beide groepen staan afkerig tegen mondiale marktkrachten en kijken met weemoed terug naar industrieën, zoals kernenergie, die binnen de natiestaat voor werkgelegenheid zorgden.

Referenties

Forchtner, Bernard, Kølvraa, C. (2015). 'The nature of nationalism: Populist radical right parties on countryside and climate'. Nature and Culture, vol. 10(2), pp. 199-224.
Forchtner, Bernard, Kroneder, A., Wetzel, D. (2018). 'Being Skeptical? Exploring Far-Right Climate-Change Communication in Germany'. Environmental Communication, 12(5), pp. 589-604.
Hultman, M., Björk A. & Viinikka, T. (fortcoming). 'Far-right and climate change denial. Denouncing environmental challenges via anti-establishment rhetoric, marketing of doubts, industrial/breadwinner masculinities enactments and ethno-nationalism'. In 'Contemporary Environmental Communication by the Far Right in Europe' ed. Forchtner, Kølvraa & Wodak London: Routledge.
Hultman, Martin and Anshelm, J. (2017). 'Masculinities of climate change. Exploring examples of industrial, ecomodern, and ecological masculinities in the age of Anthropocene', in Marjorie Cohen ed. Climate Change and Gender in Rich Countries. London: Routledge.
Jeffries, E. (2017). 'Nationalist advance'. Nature Climate Change, 7(7), p. 469.
Kaiser, J. and Puschmann, C. (2017). Alliance of antagonism: Counterpublics and polarization in online climate change communication. Communication and the Public, 2(4), pp. 371-387.
Krange, Olve, Kaltenborn, B., and Hultman, M. (2018). 'Cool dudes in Norway: Climate change denial among conservative Norwegian men', Environmental Sociology, pp. 1-11.
Lockwood, Matthew. (2018). 'Right-wing populism and the climate change agenda: exploring the linkages'. Environmental Politics, vol. 1-21.
McCright, A. M., & Dunlap, R. E. (2011). 'Cool dudes: The denial of climate change among conservative white males in the United States'. Global environmental change, 21(4), pp. 1163-1172.
Mulinari, Diana, Neergaard, A. (2014). 'We are Sweden Democrats because we care for others: Exploring racisms in the Swedish extreme right'. European Journal of Women's Studies, vol. 21(1), pp. 43-56.

Samenleving & Politiek, Jaargang 25, 2018, nr. 8 (oktober), pagina 24 tot 27