Abonneer Log in

Het politieke momentum grijpen

SOCIALE BESCHERMING VOOR IEDEREEN

Samenleving & Politiek, Jaargang 22, 2015, nr. 8 (oktober), pagina 4 tot 8

Terwijl in Europa sociale bescherming onder druk komt te staan door allerhande besparingen, geraakt men op het internationale toneel overtuigd van het belang van goed uitgebouwde systemen van sociale bescherming. Verschillende internationale instellingen zoals de Internationale Arbeidsorganisatie (IAO), de Wereldbank, het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Europese Commissie schuiven - althans in woorden - sociale bescherming naar voren als een interessant mechanisme van armoedebestrijding. Een belangrijke stap vooruit, al is de invulling van het concept voor de ene al wat ambitieuzer, radicaler of universeler dan voor de andere. Hoog tijd dat beleidsmakers woorden omzetten in daden. Met de gemeenschappelijke campagne ‘Sociale bescherming voor iedereen’ pogen we, samen met 20 andere Belgische organisaties, het politieke momentum te grijpen en deze strijd op de agenda te krijgen.

SOCIALE BESCHERMING VOOR IEDEREEN

Het politieke momentum grijpen
Liesbet Vangeel, Karolien Debel en Annuschka Vandewalle
België voorbeeldland?
Bogdan Vanden Berghe
Mondiale vrije markt vraagt een mondiaal sociaal beleid
Gorik Ooms
Hoe fiscale ruimte creëren?
Kalaivani Karunanethy, Matthew Cummins en Isabel Ortiz
Hoe arbeidsrechten afdwingen?
Koen Vanbrabandt
Arm maakt ziek, ziek maakt arm
Thomas Rousseau
Reproductieve rechten alleen zijn niet genoeg
Marleen Temmerman en Dirk Van Braeckel
Europees nabuurschap op een kruispunt
Conny Reuter
Bericht uit het Zuiden: Zimbabwe
Last Tarabuku

SOCIALE BESCHERMING IS EEN MENSENRECHT

Het begrip is in alle geval niet nieuw. Sociale bescherming is een mensenrecht dat reeds erkend werd in 1948 in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (art. 22 en 25); in 1976 in het Internationale Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten (art. 9 en 10) en in 1952 in Conventie 102 over sociale zekerheid van de IAO. Volgens deze verdragen zijn we allemaal ‘rechthebbenden’ en is het de taak van de overheid om dit recht te garanderen.

Ondanks de bevestiging van het recht op sociale bescherming in internationale verdragen en tal van nationale grondwetten, is de situatie anno 2015 bedroevend. Maar liefst 73% van de wereldbevolking heeft geen volwaardige sociale bescherming en voor meer dan de helft van de bevolking ontbreekt zelfs elke toegang tot een minimale vorm van bescherming.

WERK ALS TOEGANGSPOORT TOT SOCIALE BESCHERMING

Vooral in landen waar een groot deel van de bevolking aangewezen is op precaire jobs om in haar levensonderhoud te voorzien, is de toegang tot sociale bescherming problematisch.

Neem El Salvador. Slechts 20% van de bevolking heeft er een formele job, met een contract waarin loon, uren en andere afspraken worden vastgelegd. De overige 80% heeft geen formele baan, wat echter niet betekent dat ze allemaal werkloos zijn. De overgrote meerderheid - 60% van de actieve bevolking - heeft informeel werk. Het zijn verkopers in een kraampje langs de weg, taxichauffeurs of landarbeiders die op een plantage werken voor een onderaannemer. Ze hebben geen toegang tot sociale bescherming, omdat ze niet bijdragen aan het systeem van sociale zekerheid dat enkel gericht is op mensen met een formele job. Bij de minste tegenslag komen ze dus in de problemen.

In steeds meer landen zien we een duidelijke tendens tot flexibilisering van de arbeidsmarkt. In Zuidelijk Afrika bijvoorbeeld neemt die flexibilisering extreme vormen aan. Gestuurd door economische beleidskeuzes is het een fenomeen dat alle sectoren treft en ervoor zorgt dat steeds meer werknemers (vooral vrouwen) in tijdelijke, informele of interimjobs terechtkomen. Een belangrijke groep zijn de landarbeiders, huishoudwerkers of fabrieksarbeiders die werken met dagcontracten of via koppelbazen. Ze hebben geen zicht op wie hun werkgever is, zijn amper geïnformeerd over hun rechten en kunnen zich door de tijdelijke aard van hun jobs moeilijk organiseren om hun recht op sociale bescherming af te dwingen. Werkgevers laten na sociale bijdragen te betalen, waardoor mensen geen toegang hebben tot sociale bescherming.

HET ‘NIEUWE WERKEN’

Niet alleen in het Zuiden is die flexibiliserings­tendens erg actueel. Recente evoluties in de arbeidsverhoudingen - denk aan de ‘Uberisering’ van de Amerikaanse arbeidsmarkt of de mini-jobs in Duitsland - zijn in dat opzicht uiterst zorgwekkend. In toenemende mate komen mensen terecht in precaire jobs om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien. Over vijf jaar tijd zou naar schatting 40% van de Amerikanen een baan hebben met een precair statuut. Dit ‘nieuwe werken’ wordt door voorstanders geroemd als een moderne manier om je leven zelf richting te geven, zonder afhankelijk te zijn van een baas. In realiteit hollen steeds meer mensen op één dag van de ene baas en job naar de andere. De arbeidswetgeving wordt verder uitgehold, en de betrokken ondernemingen voelen zich niet verantwoordelijk voor de (veiligheid van) werknemers. Het toenemend gebruik van zwakke statuten maakt dat beschermingsmaatregelen zoals het minimumloon, betaald overwerk of ziekteverlof voor steeds meer mensen niets meer zijn dan een lege doos.

De afbraak - of de moeizame opbouw - van arbeidsrechten, heeft natuurlijk alles te maken met de mondiale economische logica. Deze botst voortdurend met de nationaal tot stand gekomen en beheerde sociale beschermingssystemen. Om concurrentieel te zijn op de globale markt, trachten landen buitenlandse investeerders te verleiden met een aanlokkelijk investeringsklimaat en schermen ze met lagere lonen, flexibele arbeidsmarkten, interessante belastingtarieven, enzovoort. Deze race to the bottom, of neerwaartse druk op systemen van sociale bescherming, stellen we vandaag vast in verschillende Europese landen en in vele ontwikkelingslanden.

WAAROM INVESTEREN IN SOCIALE BESCHERMING?

De harde bezuinigingen op sociale uitgaven die verschillende landen onder invloed van de internationale instellingen doorvoeren, maken de neerwaartse spiraal compleet. Deze maatregelen zijn echter contraproductief. Sociale bescherming genereert namelijk welvaart; ze houdt immers de koopkracht op peil. In economisch moeilijke tijden voorkomt dit dat een crisis een zichzelf versterkend fenomeen wordt.
Essentieel is echter niet het economische voordeel van sociale bescherming, maar het rechtenprincipe. Iedereen heeft recht op een waardig leven, en sociale bescherming kan daar voor zorgen. De geschiedenis van ons land leert dat onze welvaart werd mogelijk gemaakt door uitgebreide herverdelingssystemen, gebaseerd op een rechtenvisie en op de twee kernprincipes universaliteit en solidariteit. Zonder die herverdeling, zonder onze sociale zekerheid, zou vandaag 40% van de Belgen in armoede leven.

UNIVERSALITEIT EN SOLIDARITEIT

Universaliteit en solidariteit vormen de basispijlers van sociale beschermingssystemen. Maatregelen zullen pas duurzame resultaten opleveren als ze de hele bevolking bereiken. Of je nu man, vrouw, rijk, arm, jong, oud, vluchteling, … bent, het systeem moet voor iedereen toegankelijk zijn en een waardige levensstandaard garanderen. Dit vergt een gedifferentieerde aanpak, met specifieke maatregelen voor en ondersteuning van specifieke groepen.

Daarom is solidariteit onontbeerlijk voor elk systeem van sociale bescherming. Solidariteit tussen werkenden en werklozen, tussen zieken en gezonden, tussen jong en oud, gezinnen met kinderen en gezinnen zonder kinderen, solidariteit met mensen die op de vlucht zijn. Kortom het bekende principe van de sterkste schouders en de zwaarste lasten.

Sociale bescherming mag daarom niet aan de markt overgelaten worden. Op winst gerichte verzekeringen en dienstverlening dreigen het zwakkere deel van de bevolking met minder middelen en hogere kwetsbaarheid uit te sluiten. De expansie van de privésector ondermijnt het publieke systeem. Als de rijkste patiënten en de meest ervaren personeelsleden door de privésector worden weggetrokken uit de openbare gezondheidszorg, wordt die uitgehold tot een tweederangsdienstverlening voor de armsten. Dit tast het basisprincipe van een rechtvaardige, toegankelijke en duurzame gezondheidszorg aan: de spreiding van het risico en de kosten.

Verhitte discussies over de toenemende druk op onze sociale bescherming en verwerpelijke pleidooien voor een apart statuut voor vluchtelingen stellen de principes van universaliteit en solidariteit in vraag en duiden op de bezorgdheid van velen over de betaalbaarheid van het huidige systeem. Rechtvaardige belastingen, met o.a. een verschuiving van arbeid naar kapitaal, kunnen er voor zorgen dat het systeem betaalbaar blijft. Dit vergt natuurlijk enige politieke moed.

GEDEELDE VERANTWOORDELIJKHEID

Het is aan onze overheden om systemen van sociale bescherming uit te bouwen en de nodige budgetten te voorzien. Maar sociale beschermingssystemen kunnen niet effectief zijn zonder participatie van de bevolking. Daar spelen sociale bewegingen een cruciale rol, zoals toezien op de toegankelijkheid en de kwaliteit van het systeem.

Sociale bewegingen staan hierbij voor enorme uitdagingen. Voor de vakbonden in het Zuiden bijvoorbeeld wordt het steeds moeilijker om het stijgend aantal precaire werknemers te organiseren. Zij werken vaak via onderaanneming en veranderen regelmatig van sector. Samen met andere sociale bewegingen zoeken vakbonden naar nieuwe strategieën om deze snel groeiende groep van precaire werknemers te sensibiliseren en te organiseren, zodat zij hun recht op sociale bescherming kunnen afdwingen.

WOORDEN OMZETTEN IN DADEN

Vandaag heeft drie vierde van de wereldbevolking geen toegang tot sociale bescherming, de flexibilisering van arbeid is in opmars, privéziekenhuizen schieten in bepaalde landen als paddenstoelen uit de grond, … Kortom: de uitdagingen zijn enorm willen we komen tot een universele sociale bescherming.

Toch hebben we ook redenen om optimistisch te zijn: aan het begin van de 21ste eeuw bestaat wereldwijd de consensus dat sociale bescherming een krachtige hefboom is voor ontwikkeling en dat het een antwoord kan bieden op de groeiende ongelijkheid. Sociale bescherming krijgt een centrale plaats in de nieuwe ontwikkelingsagenda van de VN, de Sustainable Development Goals (SDG’s), zeg maar het ‘regeerakkoord’ van de wereldleiders. In een gezamenlijk statement noemden de Wereldbank en de IAO in juni 2015 sociale bescherming een prioriteit. Ze riepen wereldleiders op af te stappen van gerichte en beperkte sociale vangnetten en werk te maken van universele sociale bescherming. Een nieuw en ambitieus discours, althans voor de Wereldbank. Ook de EU verbond zich ertoe om in haar buitenlands beleid sociale bescherming te promoten en te ondersteunen. In België, tot slot, bevestigde Minister van Ontwikkelingssamenwerking Alexander De Croo dat sociale bescherming de motor is voor de realisatie van verschillende van de SDG’s. Het begrip is ook verankerd in de Belgische Wet op Ontwikkelingssamenwerking.

We moeten gebruik maken van dit moment en beleidsmakers aan hun belofte houden, zodat woorden worden omgezet in daden. Daarvoor zijn coherente beleidskeuzes nodig. Voor de Belgische ontwikkelingssamenwerking is het een kans om sociale bescherming actief in het beleid te vertalen. Met de gemeenschappelijke campagne ‘Sociale bescherming voor iedereen’ geven we, samen met 20 andere Belgische organisaties, het startschot voor een positief, alternatief verhaal. Sociale bescherming gaat over een nieuwe gemeenschappelijkheid, over hoe we ons als globale samenleving willen organiseren, welke waarden we centraal stellen en welke doelen we willen nastreven. Sociale bescherming kan een duurzame en structurele oplossing bieden tegen armoede en ongelijkheid. Wij allemaal kunnen deze strijd op de politieke agenda zetten.

Annuschka Vandewalle, Karolien Debel en Liesbet Vangeel
Resp. algemeen secretaris en beleidsmedewerkers FOS

(Politiek dossier campagne ‘Sociale bescherming voor iedereen’, op www.socialebescherming.be)

sociale bescherming - ontwikkelingssamenwerking - sociaal beleid

Samenleving & Politiek, Jaargang 22, 2015, nr. 8 (oktober), pagina 4 tot 8